Ik herinner me wel GFS-ensembles waar we op 850 hPa over de 20 °C gingen, dat zit er nu niet in.
Maar gezien de extreem droge toestand, de thermometers staan wellicht op verdord gras, kan je 1 à 2 °C optellen bij de klassieke +17 °C die je bij de 850 hPa optelt.
Dit lees ik vaker, en ik vraag me dan steeds wat af (sorry, geen natuurkunde in m'n vakkenpakket gehad...):
Is het zo dat als de bovenluchten warm zijn er minder en energie afgegeven wordt aan de bovenlucht, en dat er daardoor meer energie "beneden" komt? Of heeft het toch (ook?) met menging van luchtlagen te maken?
De opwarming op een zonnige dag komt bijna helemaal van het aardoppervlak. Hierdoor wordt het onderste deel van de atmosfeer, de grenslaag, op. Het temperatuurverval is maximaal 1°C per 100m. De bovenkant van de grenslaag bevindt zich vaak op zo'n anderhalve kilometer. Dat is net iets lager dan het 850 hPa-niveau. Daarom kun je op zonnige dagen ruwweg 15°C optellen bij die T850, om tot een middagtemperatuur te komen. Dus alleen de onderste anderhalve kilometer worden opgewarmd en gemengd. Het wordt ook wel de menglaag genoemd.
In de onderste luchtlaag kan het temperatuurverval bij droge grond een stuk groter zijn dan 1°C per 100 m. Er kan dan nog een graad of twee bij de temperatuur opgeteld worden.
Dit vind je terug in het onderste deel van de grafiek, in feite de +3uur-verwachting van het franse model Arome, dus voor 17 uur daarnet. De precieze locatie is Lopik (52°N, 5°E).
Quote selectie
( 391)
( 296)