Normaliter bedraagt het superadiabatische effect in de middag 2 graden boven grasland van april t/m augustus. De ervaring van 26 en 27 juli leert echter dat het wel 4 graden kan worden. Indien de thermiek tot boven 1500 m reikt kun je het superadiabatische effect bij de +15 graden optellen t.o.v. de temperatuur op 850 hPa. Dit geldt wel voor de middag en niet om 18UTC wanneer de instraling t.o.v. de uitstraling sterk is afgenomen. Des te meer de lucht boven de velden trilt en zindert hoe groter het superadiabische effect. Het hangt nauw samen met de warmteafgifte aan de lucht en de snelheid waarmee de warmte via thermiek naar boven verdwijnt.
Voorbeeld vandaag. Vanmiddag van noord naar zuid 12-15 graden. Maxima in het zuiden nu al 32-33 graden. Superadiabatisch effect van 3 graden.



Op 26 juli 18-19 graden op 850hPa -> 19+15+4 = 38 graden
