Guido Gezelle Nu of Nooit

Bericht van: sebastiaan (bussum) , 01-11-2019 11:29 

N U  O F  N O O I T        

‘t Viel water nu genoeg, of nooit!
     De wolkenschepen dragen
hun lijnwaad al ten toppen uit,
     die hier gewinterd lagen,
den al te langen regentijd:
     vandage gaan zij varen
en vluchten voor den westerwind,
     die rotelt in de blâren.
‘t Is nat alom: de zoden zijn
     doordronken; al de paden
zijn modder, moze en vuiligheid
     geworden; overladen
is ‘t loof, dat op de boomen zit
     en weent; de daken leken,
het stroomt alhier, aldaar, het schuimt,
     het schommelt in, de beken,
die spoeiende, om ontlast te zijn,
     door dik en dunne varen,
door weg en aweg, roekeloos,
     alsof het menschen waren,
die dronken zijn! Toch helder wordt
     de locht, de vogels piepen,
en groeten blij de aanschouwbaarheid
     der breede hemelstriepen,
die... Tenden is ‘t, en moegebrield,
     ‘t is alles uitgedropen:
laat vrij, - nu zijn de wolken weg! -
     vandage ons daglicht hopen!

„Et nul ne se connait tant qu'il n'a pas souffert, „C'est une dure loi, mais une loi suprème, „Vieille comme le monde et la fatalité, „Qu'l nous faut du malheur regevoir le baptéme, ~Et qu'a ce triste prix tout doit étre acheté. „Les moissons pour murir out besoin de rosée, „Pour vivre et pour sentir l'homme a besoin de pleura, „La joie a pour symbole une plante brisée, „Humide encore de pluie et couverte de fleurs."

Guido Gezelle Nu of Nooit   ( 527)
sebastiaan (bussum) -- 01-11-2019 11:29