Ik benoem hier regelmatig het EC clusterscenario. Ik heb nu maar eens opgeschreven hoe ik naar die kaarten kijk. Via deze link: http://brunnur.vedur.is/kort/ec-ens/2020/01/03/00/ec-ens_nat_z500scenarios.html
kun je meebladeren door de scenario’s. Mocht je op zoek zijn naar de conclusie 'wel of geen winter', dan eh… zoek je voor niets.
Die heb ik niet opgeschreven
.
clusterscenario 03-01-2020 00Z
+72 tot +96 uur (03-01 t/m 07-01)
Oper (OP) en Control (CR) zitten in verschillende clusters. Echter zijn de verschillen tussen die clusters klein. Hogedruk op het continent met het zwaartepunt globaal boven Polen / Baltische staten. Diep laag in het noorden. Centrum van de lage druk boven Baffin baai. Stroming voor ons stukje wereld uit W.
+120 tot +168 (08-01 t/m 10-01)
OP en CR nog steeds in verschillende, maar vergelijkbare clusters. Alle 4 clusters die EC berekent zijn NAO+ scenario’s. Duidelijk WC-georienteerde clusters. En daar is EC unaniem in. Vandaar waarschijnlijk ook de grote overeenkomst tussen OP, CR en de leden in de pluim.
+192 tot +240 (11-01 t/m 13-01)
OP en CR weer in verschillende clusters. Eigenlijk alle 6 clusters die EC toont, tonen HD in onze omgeving, meest ten zuiden van NL. Lagedruk trekt in een meerderheid van de clusters het noorden van Scandinavië in. De dagen daarna zie je de hogedruk sterker worden, en noordelijker komen.
+264 tot +360 (13-01 t/m 18-01)
Vanaf deze kaart is er geen OP-berekening meer. CR gaat mee in een duidelijk minderheidsscenario. Het cluster van de CR bestaat uit 9 leden, of 17%. Echter, het cluster wat de Oper volgde, cluster 1 wordt gesteund door 31%. Dat cluster lijkt voor NL gunstiger, want dat cluster toont de hogedruk boven scandinavië. Er zijn op +312 4 clusters, 2 met een Scande-Hoog, 1 met een NAO+ die bij ons met een ZW-wind ongetwijfeld ‘warmte’ zal aanvoeren. Dan is er nog een cluster met een hoog globaal in Polen. De varianten met een Scandie-Hoog hebben samen zo’n ruime 55% van de leden, ofwel 29 van de 51.
Op de laatste kaart is de CR nog steeds in het kleinere NAO+ scenario te vinden. Het cluster dat echter door de meeste leden gevolgd wordt leidt tot een forse hogedrukanomalie. Het 2e scenario toont ook de hogedrukanomalie, alleen minder uitgesproken. Samen hebben die clusters nog steeds 56% van de leden mee.