Kijk en let daarbij vooral op de vorm en intensiteit van het Noorse laag, het laag nabij de Azoren en het laag bij Newfoundland. Die drie systemen zullen gaan bepalen welke vorm het hoog op de Atlantische Oceaan krijgt, waar het accent komt te liggen (Groenland, midden van de oceaan of juist zuidelijker) en in welk weerregime de Benelux dus terecht komt (koude noordelijke stroming of zachte zuidelijke stroming).
- GFS schetst een situatie waarbij de drie genoemde lagen relatief het zwakst zijn. Daardoor kan de glijbaan uit het poolgebied hier het verst zuidelijk reiken, tot over de Benelux. Dat wordt nog eens versterkt door de vorm van het laag bij Noorwegen (niet plat aan de zuidkant maar mooi rond).
- EC gaat voor een behoorlijk uitgediept Noors laag in combinatie met een eveneens diep laag bij de Azoren. Met name laatstgenoemde zorgt ervoor dat het hoog weggedrukt wordt richting Groenland en daarmee ook de koude noordelijke stroming ons niet kan bereiken.
- GEM heeft juist zijn zinnen gezet op een zwak Azorenlaag en een sterk uitdiepende depressie bij Newfoundland die in rap tempo oostwaarts trekt. Daarmee wordt het oceaanhoog als het ware 'platgewalst' en zakt het als een plumpudding zuidwaarts weg. Ook hier kan de koude stroming ons niet bereiken.
Best wel wat onzekerheid dus, en dat op een niet eens hele lange termijn.

