Er zijn een aantal dingen die opvallen als we naar de situatie rondom neerslag en verdamping kijken dit jaar (voor Rotterdam, Nederland). In de onderste afbeelding is het neerslagtekort sinds 1 april te zien. Daaruit valt af te leiden dat we inmiddels een van de droogste jaren zijn, boven 1976, 2003 en 2018. Maar dit zegt natuurlijk verre van alles.
Het heeft vooral in februari en begin maart erg veel geregend. Daarom is het beter om naar tekorten/overschotten vanaf het begin van het jaar te kijken. Als we kijken naar het grondwater, dan is te zien dat het overschot midden maart tussen de 100 en 150 mm bedroeg, veel meer dan in droge jaren als 1976, 2003 en 2018. Inmiddels is het al bijna een maand droog en verdampt er relatief veel vocht uit de grond. Inmiddels zitten we alweer onder de lijn van het jaar 2018, echter, de jaren 1976 en 2003 waren op dit punt in het jaar nog een stuk droger. Voldoende grondwater is natuurlijk belangrijk, maar ook voldoende water/vocht in de toplaag van de bodem is belangrijk. Dit 'systeem' reageert sneller op droogte/nattigheid, omdat het neerslag als eerste opvangt, maar ook weer als eerst verliest. Ook hier was begin maart sprake van (zeer) natte omstandigheden, maar vanaf midden maart werd een weg naar beneden ingeslagen. Op dit moment (12 april) is het zelfs het droogst van de bovengenoemde jaren. Dat zorgt nu al voor extra 'problemen', zoals een verhoogd risico op bosbranden of zaden die minder goed kunnen kiemen.
Al met al kunnen we dus stellen dat er toch weer sprake is van een (beginnende) droogte. Natuurlijk is het nog veel te vroeg om te bepalen of de situatie de komende maand(en) zo blijft, maar de eerste signalen van een uitdrogende bodem (voornamelijk de toplaag) zijn al zichtbaar. Bovendien wordt er voor de komende twee weken nauwelijks significante neerslag voorspeld. Op steeds meer plaatsen zullen er dus maatregelen genomen moeten worden, zoals het besproeien van velden.