De stratus boven de Noordzee zit grofweg in de rug. Boven land lost de stratus snel op. In de nacht naar donderdag vormt zich in de vore/convergentiezone bij het neerslaggebied boven het noorden opnieuw stratus, maar waarschijnlijk niet zo uitgebreid als in de Hap1 uitvoer. Convectieve bewolking gaat woensdag in het zuidwesten en zuiden hoog, toppen tot FL350-400 zijn mogelijk. Donderdag zijn de toppen maximaal FL150-200
De patronen in de Harmonie uitvoer komen goed overeen. De bovengenoemde onzekerheid heeft er toe geleid dat het gebied waar een gele waarschuwing voor uitgegeven is, wat noordelijker ligt dan op grond van de Harmonie uitvoer gerechtvaardigd zou zijn. De buien zullen ontstaan bij de convergentiezone, die momenteel (03 UTC) boven het noorden van België en het uiterste zuiden van Nederland ligt. In het zuiden en westen zijn de voorwaarden voor diepe, actieve convectie gunstig, CAPE 1000-1500 J/kg en een grote waterinhoud, maar de enige forcering is lokale of wat grootschaliger convergentie in de grenslaag. De schering is 15-20 kn, in het uiterste zuiden nog wat meer. We krijgen vooral met multicellen te maken die (schijnbaar) stationair blijven als gevolg van (lokale) convergentie. Hagel is goed mogelijk in het (uiterste) zuiden. Cumulatieve neerslaghoeveelheden (6-uurlijks en 24 uurlijks) zijn lokaal tot ongeveer 40 mm. Plaatselijk valt meer dan 50 mm. Hoewel er verschillen in de uitvoer zijn, lijken de grote hoeveelheden voor het zuidwesten en zuiden te zijn, later in de avond kan noordelijk ook nog wel ergens 20 mm vallen, maar de cellen verplaatsen zich dan wat meer en de neerslag krijgt steeds meer een stratiform karakter (CAPE neemt sterk af, nog wat advectie van CAPE vanuit Duitsland). Donderdag ontwikkelt zich nog slechts een zeer lokale bui, CAPE dan rond 700 J/kg.
Guindance knmi
( 299)