Bij de trog buien, mogelijk met onweer, vooral in de kustprovincies. De belangrijkste forcering is convergentie nabij de trog en in de vroege natuurlijk ook kustconvergentie. Aangezien de trog overdag langzaam verdwijnt en de rug geleidelijk opbouwt verdwijnt deze forcering en neemt het aantal en de intensiteit van de buien naarmate ze zuidoostwaarts bewegen af. In de middag zal de forcering niet geheel verdwijnen, de hoogtetrog en de dagelijkse gang zorgen ervoor dat de buien nog tot in de eerste helft van de avond aanwezig kunnen blijven.
In het binnenland kan dan plaatselijk een stevige regen- of onweersbui vallen!
Stukje uit guidance knmi