Dit is ook geen officiële definitie, maar wel een mooie maat om de hoeveelheid 'warmte' van een hittegolf vast te leggen. Hij werkt ook heel simpel. Sommeer van de minimum- en maximumtemperatuur alle overschotten boven 25,0 graden en tel deze op. Dus een dag met een maximum van 30,0 graden scoort 5,0 punten, een dag met een maximum van 38,8 graden, 13,8 punten.
Sinds ik ben gaan meten in Bennekom (november 1987) heb ik 21 hittegolven mogen meemaken. De hittegolven van deze eeuw staan hieronder afgebeeld. Te zien is dat die uit 2018 op eenzame hoogte staat, vooral ook door zijn lange duur. Dat is ook het manco van de huidige hittegolf definitie. In 2018 volgde er eerst een lange reeks van zomerse dagen, voordat de eerste tropische dag werd genoteerd. Het is dan een beetje onzin om al die zomerse dagen daarvoor opeens bij die hittegolf te rekenen, maar in onderstaand overzicht is wél gebruik gemaakt van de officiële definitie.
Puur om de gedachte te bepalen: stel eens dat in een julimaand alle dagen (31 dus!) zomerse dagen zijn, maar dat alleen 3, 4 en 21 juli tropisch zijn verlopen. Het is dan toch een beetje onzin om dan te stellen dat we een hittegolf van een hele maand hebben gehad? Er zou een betere balans moeten zijn tussen het aantal opgetreden zomerse- en tropische dagen. Bijvoorbeeld:
Duur hittegolf: 5 of 6 dagen -> moeten minimaal 3 tropische dagen hebben (dat is ook zo volgens de huidige definitie).
Duur hittegolf: 7 of 8 dagen -> moet minstens 4 tropische dagen bevatten, met aan het begin en eind hooguit één zomerse dag.
Duur hittegolf: 9 of 10 dagen -> moet minstens 5 tropische dagen bevatten, met aan het begin... enz.
Het nadeel van het hanteren van een fractie aan tropische dagen is dat je dan situaties kan krijgen waarbij een snelle afkoeling wel tot een hittegolf leidt, maar een langzame afkoeling niet.
Als je klassen wilt gebruiken zou je een duur en intensiteit dimensie kunnen definiëren, zie de onderstaande afbeelding. Waarbij de huidige KNMI definitie dan S1 is, de "superhittegolf" S2, etc.

Maar door een (semi)continue maat te gebruiken, zoals jouw hittegolf getal, Tijm, of iets dergelijks zal je altijd meer nuance houden. Voor mijn persoonlijke beleving speelt de nachtelijke afkoeling een veel grotere rol dan de TX. Meer een combinatie van dag/nachtlengte, minimumtemperatuur en wind.
Op basis van de 10 minuten data van het KNMI zou je definities kunnen hanteren als de som onder de 20°C (tijdens de hittegolf) of iets dergelijks, dan kan je alleen niet ver terug in de tijd vanwege de beperkte beschikbaarheid.