We zitten dan in een soort vochtig warm zadelgebied tussen het hogedrukgebied met de hitte ten noordoosten van ons en naderende oceaanlagen ten westen van ons, waarbij geen van deze twee weersystemen echt dominant is.
Dagelijkse gang en minuscule thermische convergentielijntjes (a.g.v. weinig wind) gaan dan elke dag voor opbollende stapelwolken en mogelijk zware regen- en onweersbuien leiden.
Pas na dinsdag 18 augustus lijken oceaanlagen echt door te gaan drukken en komen we in een westcirculatie terecht.