Donderdag 23 maaRT 2000 3+1 GRATIS
Drie mooie dagen + 1 gratis, het lenteweer stond vandaag dus weer in steraanbieding. Tot in de late namiddag konden we ongehinderd genieten van de zon. Nadien begon er vanuit het zuidwesten zoetjes aan wat meer middelbare bewolking binnen te schuiven, tot nu toe zonder veel dreiging overigens. Het werd vanmiddag nog een ietsepietsie warmer t.o.v. gisteren met waarden oplopend van 1.5° rond halfzeven, op tot 17.1° kort voor drieën. Ook nu is het in de tuin met 13.6° nog altijd aangenaam vertoeven. Een inmiddels terug naar oost tot zuidoost gekrompen wind heeft er nog steeds weinig zin in maar de luchtdruk weet van geen wijken, naar omlaag wil ie! Een klein laagje die zich vanmiddag boven zuid Frankrijk bevond wordt komende nacht voor ons van belang. Enkel MRF ziet nog een deftige hoeveel hemelwater naar beneden komen, de anderen (AVN en Nogaps) berekenen een veel kleinere neerslagsom tussen nu en morgenmiddag. Hopelijk hebben we komend weekend wat geluk wanneer een storing, die laat vrijdagavond gaat doortrekken, zich vlak ten oosten van ons parallel aan de stroming gaat leggen. Als daar maar geen golfvorming van komt. Anderzijds lijken we zondag toch niet aan de buien te zullen ontsnappen. Zonder echter rekening te houden met het feit dat W.S.H. het saaiste weerstation van Vlaanderen is…..
Vrijdag 23 maart 2001 ALGEMENE STAKING
Hewel!? Waar is Juergen nu ineens naartoe? Die van Berlijn goochelen graag met namen zo te zien. Nu zijn het Kurt en Laban die het weer bij ons dicteren, dit onder de vorm van respectievelijk een sturende depressie op de oceaan en een secundair systeem dat vanochtend met een behoorlijke plens water doorheen ons land is getrokken. Vooral het zuiden heeft flink wat water te slikken gekregen. Te Hillegem vond ik het met 7 mm neerslag nog best meevallen. Naast nat voelde het vanochtend ook een stuk zachter aan. De temperatuur die gisterenavond rond negenen net geen zeven graden bedroeg, ging in de loop van de nacht – die ook al niet vrij van nattigheid was - langzaam aan het stijgen zodat we de dag met een graad of negen van start zijn gegaan. Veel had de ochtendspits daar niet aan, bij momenten viel de regen met bakken naar beneden. Voeg hierbij een algemene staking van het openbaar vervoer met als gevolg dat vanmorgen iedereen in zijn wagen is gesprongen om op het werk te geraken en de chaos op de autosnelweg compleet was. Onvermijdelijk gebeurden er een aantal ongevallen, zo zat de E40 te Aalst volledig dicht nadat daar kort na zessen enkele wagens onzacht met mekaar in aanraking waren gekomen. Ik was toen al op het bureel, gelukkig maar. In de loop van de late voormiddag werd het droog en tegen de middag kwamen er zowaar al enkele opklaringen vanuit het zuidwesten aandrijven. Halfweg de namiddag nam de bewolking terug toe en viel er enige tijd lichte regen en motregen. Dit ging tijdelijk gepaard met behoorlijk veel wind, de zuidwester schoot geregeld uit tot meer dan 61 km/u. Tegen de avond klaarde het dan weer wat op maar bewolking blijft tot op dit moment nog steeds het weerbeeld beheersen. In de zachte lucht die Kurt momenteel naar ons toe stuurt ging het kwik fluks de hoogte in. Even voor enen bereikte de temperatuur een maximumwaarde 13.7°. Niet slecht voor deze tijd van het jaar al hebben we het in maart ooit nog warmer gehad. Zo steeg het kwik in 1990 reeds op de 17de tot 22°, het jaar daarvoor werd ook al zo’n maximumwaarde geregistreerd maar dan wel negen dagen later. Op 28 maart 1989 waanden we de winter al ver weg, om na een week opnieuw door de sneeuw te waden en te bibberen bij middagwaarden van niet eens drie graden. Zoiets gaan ze de komende dagen ook in Spanje beleven denk ik. Geen sneeuw natuurlijk maar wel een fikse temperatuurdaling. Zo is het aan de oostkust van Spanje volop zomer met middagwaarden oplopend tot maar liefst dertig graden. Neem er maar gif op dat ze het daar in de loop van komende week met meer dan de helft minder zullen moeten stellen. Op thermisch vlak zullen wij al na zondag terug moeten inleveren in zover dat we ons gelukkig zullen mogen prijzen als het kwik op maandag de tien graden grens zal halen. Wat morgen betreft is er op dat vlak nog geen probleem, mits de zon voldoende rugdekking geeft zit er misschien zelfs een vijftiender in. Buiten een enkele bui zou het best eens de ganse dag droog kunnen blijven. Zo niet teken ik de achttiende opeenvolgende neerslagdag op en wordt deze periode een van de natste uit mijn ‘carrière’. Enkel in april ’98 en december ’93 was het nog natter met respectievelijk 20 en 25 opeenvolgende neerslagdagen.
Zaterdag 23 maart 2002 ISAAC
Het weerbeeld dat we vandaag te zien hebben gekregen was nog niet echt een toonbeeld van stabiliteit al is het, en dit voor het eerst sinds twaalf dagen, droog gebleven. De start was uitermate zonnig maar behoorlijk fris, tijdens de grotendeels helder nacht daalde het kwik gestaag en bereikte tegen de ochtend een minimale waarde die in de hut nog net boven (+0.2° ) het vriespunt bleef, maar aan de grond deze licht (-3° ) heeft onderschreden. Ondanks dat geen berijmde grasvelden wat mogelijk te wijten is aan het feit dat de noordelijke wind nooit echt is gaan liggen. In de loop van de voormiddag namen zowel wind als bewolking geleidelijk toe al viel het in beide gevallen, met respectievelijk een enkele piek van een 25 km/u en hoogstens een tijdlang 7/8 cu rond de middag, nog mee. Toch bleef het weerbeeld door voornoemde elementen voor een groot deel van de dag gedomineerd worden, allerminst lente dus. Het kwik haalde niet eens de tien graden grens al scheelde het met drie tientjes niet zo veel. Zoals dat met weersituaties zoals de huidige vaak het geval is klaarde het tegen de avond volledig op en kunnen we ons terug opmaken voor een sterrenheldere en koude nacht. Onder auspiciën van Ijslandhoog Isaac komt de atmosfeer immers volledig tot rust en kan de temperatuur ook in de hut onder het vriespunt duiken. Intussen wijst de barometernaald een luchtdrukwaarde van 1032 hPa aan, iets wat sinds medio februari niet meer het geval is geweest. Ook de komende week lijkt het droog en tamelijk zonnig te zullen blijven al blijft het voorlopig nog aan de frisse kant.
Zondag 23 maart 2003 SUPERLATIEVEN
Na een aantal minuten naar een leeg scherm te hebben gestaard weet ik nog niet precies op welke wijze ik dit dagverslag het best van start zou kunnen gaan. Misschien met het spuien van superlatieven zoals “lenteweer in optima forma” of “ een voorjaarsdag met zomerse allures”. Tja, wat wil je wanneer je het kwik voor het eerst in het seizoen op een zucht van de twintig graden grens ziet stranden. Dit met een concurrentieloze zon aan een hel blauw zwerk waarin zelfs niet het kleinste cirrusje te bespeuren viel. De thermische topprestatie van deze namiddag komt nog meer tot uiting wanneer ik er de geregistreerde minimumtemperatuur bij haal. Jawel, in de hut kwam het zowaar nog tot een tientje vorst terwijl aan de grond zowat dezelfde waarde als gisterenochtend werd genoteerd (-4.8° ). Het boeltje werd echter in geen tijd op temperatuur gebracht en reeds voor tienen moesten vele wandelaars te Buggenhout zich al van hun jassen en truien ontdoen. De wind speelde immers, en dit de ganse dag, een ondergeschikte rol en beperkte zich veelal tot wat zuidoostelijk gezucht. Ook op dit moment is het met een zestiental graden nog steeds heerlijk vertoeven buiten. Alsof het allemaal niet op kan lijkt men er morgen nog een thermisch schepje bovenop te willen doen en kan de temperatuur zelfs een eindje in de twintigers gaan oplopen. Of er een nieuw decaderecord uit de weerhut zal tuimelen zal pas morgenmiddag duidelijk worden maar voorlopig hou ik het voorzichtig bij een evenaring van het stationsrecord uit 1989 toen het kwik op de achtentwintigste tot tweeëntwintig graden wist op te lopen. Mocht er alsnog een hogere waarde worden genoteerd geldt deze meteen als een van de hoogste maximumwaarden voor maart in de afgelopen zestig jaar. Absolute topper blijft echter negenentwintig maart 1968 toen het kwik in het centrum van het land maar liefst vierentwintig graden heeft gehaald waarna de weergoden evenwel een winterse weerwraak namen en (nacht)vorst, sneeuw en hagelbuien enkele dagen later het weerbeeld vulden. Na morgen gaat het jammer genoeg bergaf al blijft het voorlopig nog behoorlijk zacht maar hoeft het ons geenszins te verbazen mocht het tegen dinsdagochtend al gaan regenen. Hiermee zou dan – althans wat Hillegem betreft - een eind komen aan de langste droogteperiode tijdens de buienmaand sinds 1996.
WOENSDAG 24 MAART 2004 HALVE GARE
Leuk jongens, heel leuk. Laat die halve gare te Hillegem het maar hebben over nachtelijke opklaringen en dito vorst, gooien jullie intussen de boel lekker weer dicht. Bon, dus enkel aan de grond negatieve temperaturen en een plus twee in de hut. De opklaringen die dan in de loop van de ochtend alsnog kwamen aandraven deden niet meer terzake. Voorts weinig verandering in het weerbeeld met de meeste zon tijdens de voormiddag waarna cumulus en consoorten het hebben overgenomen en enkele exemplaren vervolgens tot het buienstadium zijn doorgegroeid. Te Hillegem opnieuw goed voor een lichte regen en hagelbui zij het op een later tijdstip, omstreeks halfzes om precies te zijn. Ik heb wel de indruk dat de buiigheid tegen de avond aan meer uitgesproken was. De andere parameterwaarden zoals wind en temperatuur boden nauwelijks verschillen t.o.v. de gisteren geregistreerde waarden (+2 / +11). De luchtdruk ging er daarentegen ietwat op vooruit. Wat morgen betreft ziet het er een stuk minder vrolijk uit door toedoen van een laagje met bijhorend front die via de Noordzee onze kant op komt en waarvan het de verwachting is dat die op zijn minst voor een pak bewolking zorgen zal. Met de neerslag wordt het echter een ander paar mouwen, het ene model houdt de aanverwante producten immers ten westen van ons terwijl andere berekeningen ook de hoofdstad in de regen zien terecht komen. Afwachten dus al lijkt de hoeveelheid zich alvast tot een paar millimeter te zullen beperken. Na een droge vrijdag met eventueel zelfs een paar opklaringen dient op zaterdag een occlusie in de gaten te worden gehouden. Niet dat het ding erg actief is maar een verschuiving van het voorziene traject naar het noorden of het zuiden toe zou kwa weerbeeld een serieus verschil kunnen opleveren.
VRIJDAG 25 MAART 2005 VERTIKAAL GEVAL MET BODY
Terwijl men het boven Vlaanderen bij een mengelmoes van ‘bloemkolen’ en opklaringen hield was het in Limburg goed raak. Een onweer zette daar kort na de middag de omgeving van Genk op stelten, enkele berichtjes die op het weerwoord forum werden gepost hadden het zelfs over wateroverlast en centimeter dikke hagel. In de loop van de namiddag zijn boven het noordoosten trouwens nog een aantal buien ontstaan wat ginds een totaal ander weerbeeld heeft opgeleverd. Davy melde vanuit Opglabbeek dan ook een continue grijze lucht met een wisselende hoeveelheid hemelwater. Hier dus niets van dit alles, na een heldere start werd er op cumuliform vlak weliswaar flink in de hoogte gewerkt maar kwam het niet tot buien al moet het niet zo veel hebben gescheeld. Onderweg naar huis dook ik omstreeks vieren op de autosnelweg richting kust ter hoogte van Affligem onder zo’n verticaal geval met flink wat ‘body’ toen enkele druppels van respectabel formaat op de autoruit uit mekaar spatten. Eenmaal de zon zijn afdaling naar de zuidwestelijke einder had ingezet stortte het cumuliform kaartenhuisje in mekaar en sloten we de daglichtperiode in vrij heldere omstandigheden af. De neerslag die ik om waarnemingstijd uit het groene bakje kieperde was afkomstig van de frontpassage van gisterenavond, zo’n drie millimeter. In een vochtige, stagnerende en door opklaringen behoorlijk afkoelende atmosfeer is vervolgens mist ontstaan die vanochtend plaatselijk dicht is geweest en op bepaalde locaties, voornamelijk in West-Vlaanderen, tot halfweg de voormiddag de wereld klein heeft gehouden. Starten deden we hier met een graad of vijf, een waarde waar men in de loop van de dag zo’n twaalf eenheden bovenop heeft gegooid. Dit bij een zwakke van zuidwest naar noordwest ruimende wind. Ook morgen kunnen we ons aan onstabiliteiten verwachten, dit geassocieerd met een zich boven de Noordzee vormende en uitbreidende koudeput in de bovenlucht.