Donderdag 30 maart 2000 WOLKJES BLAZEN
Luigi of Manon, het blijft me gelijk van wie die shit is die momenteel boven ons hoofd hangt al is het wel degelijk deze laatste die al het grijs onze kant opstuurt. Met excuses aan Luigi, het hoog die ik gisteren valselijk heb beschuldigd. We mochten in ieder geval terug diep in de jaskraag duiken terwijl we met gemak wolkjes konden blazen bij het uitademen. Er hing zowaar een zweempje winter in de loodgrijze lucht ondanks het felle geel van de in volle bloei staande Forsythia’s. T.o.v. gisteren vertoonde het weerbeeld overigens geen grote verschillen met kwikstanden die ‘s nachts weliswaar op een iets hoger niveau uitkwamen (5.3°) maar overdag opnieuw tussen de 7 à 8° zijn blijven steken. De wind kampeert nog steeds in de noordhoek en op barometrisch vlak viel er evenmin een wijziging te bespeuren (1012 hPa). Of het komend weekend zo droog zal verlopen als Eddy ons wil doen geloven betwijfel ik enigszins. Bracknell laat immers een of ander frontje over onze omgeving zwabberen. Veel neerslag zal het ding wel niet opleveren denk ik, maar toch. Enig pluspunt is een bescheiden stijging van de temperatuur op zondag en dit t/m dinsdag al zullen we er niet zo veel plezier meer aan beleven denk ik. Na zondag plannen de “noordelijken” immers een aanval waarbij het “battlefront” pal boven ons zal komen te liggen. Ondanks het feit dat MRF al eens vaker durft te overdrijven bij het berekenen van de neerslaghoeveelheid, zou er wel degelijk een aardige plens water naar beneden kunnen komen. En als ik de temperatuurkaarten op het 850 hPa- vlak voor midden komende week zo bekijk, oeieoeieoeie…….
Woensdag 28 maart 2001 DE ANONIEME OCCLUSIE
“De anonieme occlusie”. ’t Zou de titel kunnen zijn van een of ander Suske en Wiske album maar ik heb het wel degelijk over dat zwakke dingetje, het doodknijpen niet waard, dat tijdens de voorbije nacht over Vlaanderen is gesukkeld. In het licht van de sterren kon ik vanochtend vroeg de inhoud van de regenmeter aanschouwen. En, ’t was gene vetten, het groene bakje was met moeite tot aan het eerste markeringsstreepje gevuld. Tot de middag konden die van hierboven zich min of meer inhouden. ‘s Namiddags was het de beurt aan een actieve occlusie met buien die her en der pittig zijn geweest. Ook Hillegem kreeg een veeg uit de pan toen een bui met hagel en gedonder omstreeks halfvier langs trok. Hiervoor en erna bleef het veeleer bij schampschoten. Donkere luchten en neerslaggordijnen trokken niet ver ten westen en ten oosten aan mijn neus voorbij. Het water kwam me in de mond kwam bij het zien van al dat moois. Helwitte bloemkolen, rafelige incussen, gitzwarte horizonten en jagende pannus. Tijdens die ene bui – die overigens goed was voor 2.5 mm in enkele minuten – schoot de zuidwester fors uit met een piek van net geen 50 km/u. Rond zevenen kregen we hier dan toch nog een exemplaar te pakken. Goed voor een tiental minuten regen die bij momenten pittig was en waarbij ook nu zo af en toe hagel naar beneden kwam. Dit bracht het dagtotaal uiteindelijk op 4.5 mm. In de loop van de avond stabiliseerde de zaak al zag het er bij momenten nog aardig dreigend uit. Kwa temperatuur noteerde ik weinig verschil t.o.v. gisteren, enkel de minimumtemperatuur boekte een aantal graden winst terwijl het vanmiddag ongeveer even warm werd (+11.8°). De luchtdruk is intussen met tien eenheden naar beneden getuimeld en bedraagt momenteel 998 hPa. In de loop van de komende uren is het best mogelijk dat er her en der nog een aantal buien opduiken, met een optie op gedonder. Na de buien wordt het dan uitkijken naar een zich uitdiepende randstoring (Nathan?) die in de loop van morgenochtend boven het Kanaal wordt verwacht. Ik vermoed dat het vooral de Westvlaamse pluviometers zullen zijn die de meeste neerslag gaan opvangen. Na een vrij ‘gestoorde’ zaterdag ziet het er dan naar uit dat we geleidelijk uit de wisselvalligheid gaan geraken. Niet door toedoen van het Azorenhoog die het tot nu toe vertikt heeft om een handje toe te steken. Onze redder is een Rus die weliswaar een verbond zal aangaan met dat luie Azorending maar voornamelijk zelf zal instaan voor een weersverbetering van betekenis die zich vanaf zondag zal manifesteren. En nu een straffe uitspraak: maandag wordt het 20° (*)! Ook op langere termijn ziet het er niet zo slecht uit en schijnt lenteweer meer kansen te krijgen.
(*) Het werd uiteindelijk meer dan 24° warm!
Vrijdag 29 maart 2002 vorstige folietjes
Wie net als ik had gedacht dat het, na die vijftiender van gisteren, met de afkoeling tijdens de daaropvolgende (lees voorbije) nacht niet zo’n vaart zou lopen, werd door de vriezeman ferm bij de neus genomen. Het kwam vanochtend immers opnieuw tot - voor deze periode - vrij markante vorst. In de hut daalde het kwik tot zowat anderhalve graad onder nul, aan de grond vroor het weerom matig. Door de intussen toegenomen vochtigheidsgraad kwam het in sterkere mate tot de vorming van rijm zodat het voor menig vroege chauffeur ruitenkrabben geblazen was. Bon, wat mij betreft mogen ze zo’n ‘folietjes’ stilaan achterwege laten. Negatieve temperaturen zijn het laatste wat mijn volop ontluikende tuin kan gebruiken, gezwegen van de twee buxusplanten die sinds een paar dagen uit het tuinhuisje zijn gehaald. Ondanks de ‘koudstart’ wist de zon, die vandaag opnieuw zonder concurrentie bleef, het kwik in snel tempo naar een beschaafd niveau te tillen. Nog voor halfweg de voormiddag werd de kaap van tien graden genomen en tegen de middag was het al een dertiental graden warm. De inmiddels naar het zuiden gewentelde wind voelde al iets zachter aan zodat, ondanks het feit dat deze zo nu en dan eens tot matig kwam aanzetten, het weercomfort t.o.v gisteren er weer wat op vooruit is gegaan. Iets wat ook van de thermometer kon worden afgelezen, halfweg de namiddag bereikte het kwik een maximale waarde van iets meer dan zestien graden. Vooral tijdens de tweede helft van de namiddag was het met een afzwakkende wind lekker vertoeven buiten. De geur van pas gemaaid gras maakte het lentegevoel compleet, enkel het alom tegenwoordig gezoem van de grasmaaiers moest je er voor lief bijnemen. Aan het satellietbeeld van vijf uur deze namiddag te zien, gaat het er boven het zuidoosten van Frankrijk een stuk minder lieftallig aan toe…..
Maandag 31 maart 2003 RIJMEN EN DICHTEN
Wat baat de volle zon eind maart of begin april,
als de noordooster niet liggen wil.
Zelfs al waaide ie vandaag niet eens zo fel,
hij koelde met gemak het zaakje wel.
Een en ander in een rijmpje gieten kan wel leuk zijn maar met die verrekte wind was het een stuk minder. Tijdens de afgelopen nacht zwakte deze tijdelijk af en kon het in de weerhut tot een kleine +2° afkoelen terwijl het kwik aan de grond met het vriespunt heeft geflirt. De zon had zich echter maar net boven de oostelijke einder laten zien of de noordooster stak er opnieuw een tandje bij waarbij het aan de andere kant van het vensterglas vooral tijdens de voormiddag allesbehalve gezellig vertoeven was. Na de middag nam de wind in kracht af maar was de atmosfeer nog voldoende in beweging om het een stuk frisser te laten aanvoelen dan die veertien graden die tijdens de late namiddag van de thermometer kon worden afgelezen. Intussen is de kalmte opnieuw terug gekeerd en met een heldere nacht voor de boeg laat het zich al raden dat het kwik nog een eindje verder zal dalen dan vanochtend het geval was. Op een enkele plaats in het Vlaamse binnenland, ik denk dan vooral aan onze waarnemer Julien te Rijmenam, is zelfs vorst in de hut niet geheel uitgesloten. Morgen hebben we tijdens de eerste uren nog wat zon te goed, nadien neemt de bewolking vanuit het westen toe en komen we in de loop van de namiddag al in de nattigheid terecht die ons vervolgens tijdens een groot deel van de daaropvolgende nacht gezelschap zal houden. Van de regen komen we op woensdag in de voorjaarsbuien terecht waarvan een enkel exemplaar behoorlijk fel kan uitpakken en naast hagel ook een klodder natte sneeuw aan boord kan hebben. Met kwikstanden die op anderhalve kilometer hoogte tot beneden de min vijf kunnen dalen ruikt het voor de Ardennen zelfs een beetje naar winterse toestanden, dit vooral naar donderdagochtend toe. Ook op neushoogte zal het in vergelijking met wat we tijdens de voorbije dagen achter de thermische kiezen hebben geslagen, een serieuze slok op de borrel schelen en kan het zomerjasje meteen voor een dikker exemplaar worden ingeruild.
WOENSDAG 31 MAART 2004 BEZORGDE BLIKKEN
Terwijl de zon ten langen leste voor de bewolking de duimen heeft moeten leggen, kijken we terug op wat achteraf beschouwd een meer dan behoorlijke dag is geweest. De ochtend begon naar analogie van de voorbije dagen behoorlijk fris met waarden uiteenlopend van een ruime plus twee in de hut en een graadje vorst op klomphoogte. Enkel een iets lagere luchtvochtigheid t.o.v. gisteren voorkwam dat het ‘buiten slapend’ wagenpark deze keer niet met een laagje rijp werd bedekt. De enkele altocumulusveldjes die links en rechts het zwerk sierden kregen gelukkig niet meteen gezelschap zodat de zon gedurende een groot deel van de dag nog ruim aan bod is geweest. In de zachte zuidoostelijke lucht die aan de zuidwestflank van Leon in onze richting werd gevoerd, slaagde ze er dan ook zonder veel moeite in om het kwik op peil te brengen. Pech voor de café uitbater die vandaag de zaak gesloten hield en zo een vol terras aan zijn neus zag voorbijgaan want de temperatuur liep ’s namiddags op naar een heerlijke eenentwintig graden, zonder veel wind voorwaar niet te versmaden omstandigheden om de tijd buiten door te brengen. Tijdens de tweede namiddaghelft kwam de mot er echter in. Altocumulusvelden die tamelijk onstabiel van opbouw waren, duwden de zon geleidelijk uit het weerbeeld weg. De basis van een tamelijk fors ontwikkelde AC – cumulogenitus zag er nogal donker uit wat mijn pendelgenoot, die niet ver uit de buurt woont, er toe aan zette een zorgelijke: “’t gaat toch weer niet regenen hé” uit de mond te laten ontsnappen. Hij heeft echter zonder problemen zijn geplande grasmaaibeurt kunnen uitvoeren al zal ie meermaals met een bezorgde blik naar omhoog hebben gestaard want naarmate de late namiddag in de avond overging, sloot de zaak zich volledig. De occlusie die hiervoor verantwoordelijk is, schuif vannacht over ons land naar het noorden door. Veel neerslag wordt op dit verzwakkend front niet berekend al mag de mogelijkheid tot het ontwikkelen van een bui zeker niet worden weggecijferd. Voorts ziet het er voor morgen op het eerste gezicht zeker niet slecht uit met vooral in de loop van de namiddag toenemende kans op enkele opklaringen. Michael, een flinke Scandinaviër met kerndruk oplopend tot 1038 hPa, zal op vrijdag evenwel niet bij machte zijn om de doortocht van een koufront te verhinderen waardoor het die dag maar zus en zo zal zijn met veel bewolking doch niet al te veel neerslag. Na morgen dus toenemende wisselvalligheid en een geleidelijk afkalven van de huidige thermische hausse al hoeven we het weerbeeld voor de komende vijf dagen nog niet meteen dramatisch te noemen.
DINSDAG 29 MAART 2005 AFSPRAAK MET DE OORSPECIALIST
Laten we het van de positieve kant bekijken en stellen dat er, buiten de grijze start, op zijn minst wat meer beweging en meer kleur in het weerbeeld zat in vergelijking met de lauwe soep van gisteren. Zowaar zelfs meer ‘temperatuur’ want het kwik dat tijdens een nog sterk nevelige ochtend rond een zevental graden schommelde, haalde vanmiddag net geen zestien. Met dank aan de zon die tussen de buien door voor wel gekomen warmte zorgde. Een meestal oostelijke wind hield zich buiten een enkele ‘uitspatting’ veelal rustig zodat elke graad grotendeels tot haar recht kwam. Die uitspatting dus, rond drieën gooide een fikse bui waarvan schrijver dezes helaas geen getuige was, de snelheidsmeter in de hogere toertjes met een piek tot iets meer dan tien m/s. Ook de regenmeter kwam nog eens volop aan haar trekken, aan de inhoud (7 mm) te zien moet de neerslagintensiteit behoorlijk groot zijn geweest. Zelfs rekening houdend met het feit dat er nog een tweetal voorgangers, zij het zwakkere broertjes, de revue zijn gepasseerd. Ook de hoofdstedelijke regio kreeg even voor halfvier, net op het moment dat schrijver dezes het bedrijfsterrein verliet, er aardig van langs. Op een aantal locaties kreeg men tevens het bezoek van de fanfare maar op de vraag of dit ook te Hillegem het geval is geweest moet ik het antwoord voorlopig schuldig blijven. Als ik de bliksemkaart van de Veenendaalse site evenwel mag geloven is dit enkel boven het Brabantse het geval geweest al lijkt de kaart me wel wat aan de ruwe kant. Jammer genoeg bestaat ‘blikseminslagen.com’ niet meer (zucht). Morgen krijgen we te maken met een frontaal systeem verbonden aan Menno, momenteel residerend boven het Kanaal. Bepaald geen indrukwekkend laag maar toch mans genoeg om o.a. het zuiden van Engeland komende nacht van een tiental litertjes hemelwater te voorzien. Bij ons lijkt het niet zo’n vaart te lopen en blijft het wellicht bij een drietal millimeter occlusieregens. Morgenmiddag zit het front net ten noorden van ons maar wordt daar voor het anticyclonaal blok gezet. Wat de gevolgen hiervan nu precies zullen zijn is nog geen uitgemaakte zaak maar we kunnen er steevast van uitgaan dat blauw niet meteen het kleurengamma zal aanvoeren. We hebben het dan nog niet eens over eventuele pluviale verrassingen.
(20:18) Middels een berichtje die onze Aaigemse waarnemer op de VVW lijst heeft gepost blijkt de bui van deze namiddag alsnog een onweerachtig karakter te hebben gehad. Dit bekent 1: Dat gezien de betrekkelijk korte afstand tussen Aaigem en Hillegem er hier een onweersdag in de tabellen kan worden bijgevoegd en 2: Dat vrouwlief dringend aan een afspraak toe is met de oorspecialist....