Beste weerwoorders,
Na deze grauwe, kille en oersaaie ‘zomerdag’ wil ik jullie opfleuren met een mooie samenvatting over de Uitzonderlijk Strenge Revolutiewinter van 1788-89. Een klassieke Jahrtausendwinter met veel extreem weer, leed, vreugde, etc.
Extreem Strenge Winters met Wintercijfer IJnsen 9 van 9 (waarbij cijfer 1 extreem zacht is, zie W2020) zijn uiterst zeldzaam in de Nederlandse weergeschiedenis. In de 500 jaar van 1300 t/m 1800 zijn er maar 6 winters geweest die de hoogste categorie haalden, namelijk de Winters van 1363-64, 1407-08, 1434-35 (middenin de beruchte jaren 30 van de 15e eeuw), 1564-65, 1683-84 (koudste Engelse winter ooit gemeten sinds 1659) en de Revolutiewinter van 1788-89.
In de vorige eeuw zal alleen de legendarische Winter van 1962-63 vergelijkbaar zijn geweest met deze mastodonten. Ofwel zulke winters hadden maandenlang louter (extreme) kou gekend met veel ijs, sneeuw, dichtgevroren rivieren, meren, kustlijnen, havens etc. Vaak begonnen die winters al in oktober of november en hadden een lange nasleep in het voorjaar erna. Vaak was de zomer erna ook ondermaats, alleen in 1684 volgde er een zeer lange, zeer droge en zeer warme zomer na zo’n stevige Jahrtausendwinter. Ofwel 1684 was net zo’n continentaal/anticyclonaal weerjaar als 1947.

Terug naar 1788-89, na de warme zomer van 1788 met die beruchte hagelbui is de herfst van 1788 niet veel bijzonders, tot 23 november dan. Eind november liepen mensen al over bevroren grachten en dat was nog maar het begin want de Decembermaand/Kerstmaand van 1788 werd de koudste sinds 1706 of zelfs sinds 1621 (toen ook een Jahrtausendwinter) met een gem. temp. van -5.7C.

De eerste koudegolf van de Revolutiewinter begon op 27 november 1788 en eindigde op 23 december 1788 met een laagste Tmin van -20C op 15 december, het sneeuwde zo’n 10 keer tijdens die eerste felle koudegolf.
De tweede koudegolf begon op Tweede Kerstdag 1788 en eindigde op 10 januari 1789 met een laagste Tmin van -19C op 5 en 9 januari 1789, deze koudegolf verliep bijna zonder sneeuwval, misschien ook niet zo gek met de vele hardnekkige blokkades boven Scandinavië.
De gevolgen waren logisch gezien erg ingrijpend, men vervoerde zich met talloze arrensleden, veel ziektes tierden welig, veel bevroren mensen op straat, watermolens stopten en ook veel (vrucht)bomen barsten knallend uit elkaar.
Ook elders in Europa is deze winter extreem streng met veel sneeuw en ijs in Zuid-Europa, bevroren lagunes/baaien, grote meren, vele havens, ook lag er in de Oostzee bijzonder veel ijs door die extreme kou. Ofwel de (zee)handel met de landen aan de Oostzee lag maandenlang stil en kon er pas in het late voorjaar weer volop gevaren worden. Intussen was er wel veel landverkeer over de bevroren passages van de Oostzee mogelijk.

Aan het eind van de 2 grote koudegolven was het ijs op de meeste plaatsen 12 tot bijna 30 duimen dik ofwel ca. 30 tot bijna een meter ijs.
Na die 2 grote koudegolven werd het een stuk zachter t/m begin maart 1789, echter was het vaak niet bestendig met vele stormen en vele regenbuien. Echter had men toen dat liever dan de bijna 2 maanden durende non-stop vrieskou van eind november tot half januari.
Echter kwam de winter in maart 1789 nog eens terug met veel (matige) vorst in de periode 3 maart t/m 25 maart met op een flink aantal dagen nog (zware) sneeuwval. Maart 1789 werd hierdoor zeer tot extreem koud met een gem. temp. van -0.4C (al was de legendarische koude maartmaand van 1845 nog een flink stuk kouder met een gem. temp. van -2.3C).

Ik hoop dat dit een mooie samenvatting is van de Revolutiewinter van 1788-89, de winter die Europa deed ontwaken in een nieuwe wereld van revoluties, industrie, natiestaten, het concept van linkse en rechtse politiek etc. Want in de zomer van 1789 barstte de bom in het Ancien Regiem van Lodewijk XVI, mede mogelijk gemaakt door het zeer zware en extreme weer van juli 1788 tot de matige zomer van 1789.