aan de hand van GFS. Normaliter heeft dit model nogal wat beperkingen in situaties als de huidige (namelijk: te grootschalig, de opwarming door instraling overdag wordt vaak onderschat, bodemvochtprobleem waardoor het dauwpunt vaak veel te hoog wordt ingetekend wat weer effect heeft op parameters als CAPE bijvoorbeeld). Maar ditmaal zit het Amerikaanse model verrassend goed op de actualiteit. Zowel wat betreft de 2m-temperaturen als wat betreft de dauwpunten. Dat is mooi meegenomen!
Allereerst te beginnen met de CAPE. Deze slaat vanavond in een groot deel van de Benelux uit naar > 1000 J/kg. In een brede strook vanaf het midwesten naar het noordoosten van Nederland wordt in de tweede helft van de middag > 2000 J/kg voorspeld, iets wat we niet vaak zien in onze contreien. In het uiterste noordoosten van Nederland tegen en aan het begin van de avond zelfs > 2500 J/kg, wat echt heel hoog is. In het genoemde gebied is kortom zeer zwaar onweer mogelijk. Maar ook elders in de Benelux waar buien ontstaan, is de onweerskans groot.
Dan de 0-6 km shear. Die is met name in de noordelijke helft van Nederland zeer hoog. Op grote schaal daar 40 tot bijna 60 knopen. En ook daar zien we het hoogtepunt in de middag in het noordwesten, maar begin van de avond juist vooral in het noordoosten. Net als bij de CAPE. In het zuiden van de Benelux duidelijk lagere waarden, maar nog altijd > 20 knopen, wat met voldoende CAPE in principe genoeg moet zijn voor multicells. In de noordelijke helft van Nederland - zeker in de gebieden waar de 2m-temperaturen (en dus de CAPE) hoog oplopen - zijn supercells zeer goed mogelijk.
En dan de SRH. Eigenlijk zien we daar eenzelfde verwachting als bij de 0-6 km shear. Dus ook daar vooral de focus op Noord-Nederland: einde van de middag vooral noordwest, begin van de avond noordoost. De verwachte waarden aldaar van > 300 m2/s2 zijn voor Benelux-begrippen zeker hoog te noemen. Begin van de avond zelfs > 400 m2/s2 in Groningen en Drenthe. Dat betekent dat daar kans bestaat op randverschijnselen zoals windhozen. In het zuiden van de Benelux opnieuw lagere waarden, daar de kans op randverschijnselen dan ook klein.
Uiteraard is dit niet alles. Je kunt nog zulke mooie parameters hebben, maar als die niet benut worden, dan heb je alsnog helemaal niets. Je hebt een trigger nodig door middel van ofwel het bereiken van de convectietemperatuur, of een liftingsmechanisme. Met dat liftingsmechanisme lijkt het wel goed te zitten, want aan het eind van de middag ligt de thermische vore zo'n beetje in dezelfde lijn als waar de beste noodweerparameters plaatsvinden, namelijk in een ZW->NO strook van enkele tientallen kilometers breed van grofweg Hoek van Holland naar Winschoten. Maar ook de convectietemperatuur is momenteel lokaal al bereikt. Dus buien kunnen ook vanaf de grond gaan ontstaan.
Kortom, ik verwacht dat die lijn die ik hierboven noemde - van Hoek van Holland naar Winschoten - het gebied is dat eerste rij zit voor wat betreft de kansen op zwaar noodweer. En nu afwachten hoe het in de praktijk uitpakt.