Hij wekt bedoeld of onbedoeld in zijn schrijven de indruk dat we tegenwoordig nog maar eens in de zes jaar op natuurijs kunnen schaatsen. In de praktijk hoeft het absoluut niet zo hard te vriezen om op de schaats te kunnen staan. In 2016 (één dag), 2017, 2018 en 2019 (een dag) heb ik kunnen schaatsen op natuurijs. Sinds de winter van 2008 heb ik alleen in de winters van 2014 en 2015 niet op natuurijs kunnen schaatsen.
Citaat KNMI:
Voor schaatsen heb je een langere periode met kou nodig dan een enkele dag. De koudste week van deze winter 2020/2021 tot nu toe in De Bilt was tussen 7 en 13 februari, met gemiddeld -4,8 graad. Dit komt in ons huidige klimaat ongeveer eens in de 6 jaar voor (tussen de 4 en 12 jaar). De afgelopen koude week is dus iets minder gewoon dan de afgelopen koudste dag, maar nog steeds niet echt extreem. Wel is de kans op zo'n koude week ongeveer 2,5 keer zo klein geworden. In ons huidige klimaat met mondiale opwarming van 1,2 graden is zo'n koudste weekgemiddelde temperatuur met 1,2 tot 4,8 graden toegenomen.
Koude dagen en weken nu ongeveer twee keer zeldzamer
Zo'n koude week als afgelopen week met schaatsen komt tegenwoordig gemiddeld nog eens in de ongeveer 6 jaar voor. Voordat de mens de concentratie van CO2 en andere broeikasgassen in de atmosfeer verhoogde was dat nog eens in de twee à drie jaar. Koude periodes in de winter zijn dus duidelijk opgewarmd, met zo'n twee à drie graden. Het goede nieuws is dat ze nog steeds redelijk vaak voorkomen en we nog steeds af en toe kunnen schaatsen.
https://www.knmi.nl/over-het-knmi/nieuws/hoe-vaak-wordt-het-nog-zo-koud-als-afgelopen-week
Met de opwarming worden de kansen ongetwijfeld kleiner maar eens in de zes jaar: zo erg is het tegenwoordig gelukkig nog niet.
Quote selectie