1. Een lange herfst van oktober - maart: grijs, regenachtig met af en toe wat natte sneeuw en nachtvorst
2. Een kort voorjaar van april-mei: groen, te warm, met geluk niet te droog.
3. Een lange zomer van juni tot september: droog, (veel) te warm, weinig onweer, soms wat buitjes en kleine storingen.
Quote selectie