Brugge december 1788 [Jozef van Walleghem]

Bericht van: sebastiaan (bussum) , 23-10-2022 15:54 

Op den 17 december, gelijk ook op eenige daegen hiernae en hiervooren, wierden wegens den zeer strengen aenhoudenden vorst veele buijtenspoorigheden begaen, alle te wijtloopig om afsonderlijk op te haelen. Verscheijde waegens met hout worden van de quaetwillige en veele nootlijdende aengetast en veele ten deele en in 't geheele gepluntert, zoo verre dat bijnae geene landtsluijden meer durven naer de marten met hunne waegens met hout aenkomen terwijl, zoo langs de wegen als aen d'huijsen waer het hout wordt afgelaeden, heele waegens tegelijk gepluntert worden. Omstreeks dese stadt worden te lande heele vimmen tegelijk weggehaelt en over de vesten langs het ijs dese stadt binnengebragt. De boomen en bosschen worden alom beschaedigt en afgekapt, zelfs veele staende langs de buijtevesten deser stadt worden afgekapt en hoe groene die boomen ook zijn mogen, aldaer gesaegt en naer de woonsten der quaedwillige vertransporteert. Behalvens dit alles worden veele persoonen, besonder bij den avond, langs de straeten aengerand, welcke de quaedwillige doen geven of het gelt dat zij bij hun hebben, hunne capoten of kleederen of iet anders hetgoon zij begeeren. Het bedelen publiek langs de straeten en aen de dueren, gelijk ook het tropwijs loopen is algemeen geworden waerdoor, zoo wegens het één als het andere, veele onheijlen veroorsakt worden; dit alles niettegenstaende de menige en overvloedige caritaeten die er zoo door de disschen als door menigvuldige particuliere deser stadt tot onderstant der nootlijdende genoegsaem gedaen worden. De quaedwilligheijd is zoo verre gekomen dat d'heeren van 't collegie hebben in raede gevonden van, als ten tijde der tumulte op den 19 december en de volgende daegen van de bittere koude, rondt de stadt geduerig door de heeren raeden, schaedebeletters en stadtssoldaeten te patroilliëren, want zoo men in aller haest hierin niet hadde voorsien zou der niet dan  eenen algemeenen oproer uijt voortgekomen hebben die, dat Godt behoede, door den grooten noodt niet meer stuttelijk zoud hebben geweest. Verscheijde van de meeste oproerige worden opgelicht en van hun bedde gehaelt zoodaenig dat men van heden af het tropwijs loopen en publik bedelen merckelijk ziet verminderen terwijl alle bedelaers en quaedwillige van de straeten opgelicht worden. 

Bericht laatst bijgewerkt: 23-10-2022 16:05
„Et nul ne se connait tant qu'il n'a pas souffert, „C'est une dure loi, mais une loi suprème, „Vieille comme le monde et la fatalité, „Qu'l nous faut du malheur regevoir le baptéme, ~Et qu'a ce triste prix tout doit étre acheté. „Les moissons pour murir out besoin de rosée, „Pour vivre et pour sentir l'homme a besoin de pleura, „La joie a pour symbole une plante brisée, „Humide encore de pluie et couverte de fleurs."

Brugge december 1788 [Jozef van Walleghem]   ( 392)
sebastiaan (bussum) -- 23-10-2022 15:54
Over die winter heb ik ook ooit een bericht/artikel over getypt.   ( 243)
Erik (Hulsberg) ( 120m) -- 23-10-2022 15:58
Re: Over die winter heb ik ook ooit een bericht/artikel over getypt.   ( 182)
sebastiaan (bussum) -- 23-10-2022 15:59
In Duitsland is december 1788 de koudste maand ooit gemeten.   ( 65)
Erik (Hulsberg) ( 120m) -- 23-10-2022 18:33