Begin november 1987 ben ik begonnen met meten in Bennekom, steeds op hetzelfde plekje en zo is W23 dus de 36e winter die ik hier meet.
Gisteren kon ik de eerste ijsdag noteren en was de gemiddelde etmaaltemperatuur -3,8 graden, die 3,8 Hellmannpunten kwamen dus bij de 3,0 punten die al eerder waren gescoord voor een totaal van 6,8 punten.
Die 3 punten waren al genoeg om de 'winters' van 2014, 2020 en 1989 achter ons te laten. Maar het meest schokkende vond ik wel dat met die 3,8 punten erbij, we na één écht koude dag, meteen nog eens 7 (ZEVEN!) winters wisten te passeren! De grafiek hieronder maakt dat pijnlijk duidelijk. We kunnen dus stellen dat sinds 1988, éénderde van alle winters helemaal niets meer voorstelt, qua vorstproductie. Eigenlijk wisten we dat al, maar nu worden we wel extra pijnlijk met onze neus op deze feiten gedrukt.
Trouwens, voor a.s. zondag de dooi echt invalt, kunnen we wellicht nog twee of drie winters passeren...
Is het niet beter om die afleidende 2e decimaal in het Hellmanngetal weg te laten? Deze heeft in mijn ogen geen enkele betekenis. Of wel? Hoe dan?