Olivier en ik zijn gisteren eindelijk eens op pad gegaan. Rond 09u al naar het noorden van Frankrijk gereden en eigenlijk een beetje te ver geraakt. We hadden een heel donkere, mistige shelf bij Calais, erg laag ook dus daar was niet veel aan te zien. Het laatste daglicht was in één keer verdwenen. We hoopten een beetje op de achterliggende cellen die over het Kanaal trokken, zicht daarop op zee vanop de Cap Blanc Nez leek iets heel fotogeniek, maar eenmaal bij Calais was het vooral erg koud (nog maar net 20° en een loeiharde noordenwind deels vanover zee en outflow uit het lichte onweer bij Calais) en zeer nevelig, bijna mistig.
Veel geflits dan blijkbaar in zuidelijke richting, en na een telefoon met Karim maar besloten om terug richting Duinkerken te rijden, want waar we stonden was niks te beginnen, en er ontwikkelden zich ook nieuwe cellen zuidwaarts die richting Vlaanderen trokken. Dat hadden we ook eerder weer moeten zien. Die celletjes waren er al, maar ze zagen er zo pover uit, en zouden met de stroming uiteindelijk toch in het noorden terecht komen.
Op terugweg algauw weer in onweer iets over Calais richting Duinkerken, maar net zoals voorheen, nergens echte tropische stortregen, hoogstens wat ferm uitgevallen matige regen. Op de terugweg zaten we onder een soort langgerekte onweersrij, met erg veel flitsen en soms heel mooie lange CC’s. Waar we ook reden, het bleef matig regenen dus nergens kunnen stoppen om iets van die CC’s te kunnen fotograferen.
Dan getwijfeld om door te rijden via de E40 Veurne Gent om die cel uit Doornik nog te kunnen onderscheppen, maar zo bleef je maar rond alles rijden. Het was toen al bijna 23u. Toch maar terug via de A25 Duinkerken – Lille en nog eens gestopt bij Herzeele (N-FR) waar het droog was en waar ik in de verte gelige inslagen kon waarnemen in het westen. Beter gele CG’s dan gedruppel en weerlicht. Maar dat zeemistfront was ongenadig. Al toen we gestopt waren was er geen CG meer te zien, wel het geflits boven een donkere, alles maskerende nevelband aan de grond die vanuit het onweer onze richting uitkwam. Jammer want het was de actiefste cel die we zagen: het flitste om de 10-15 seconden. Ook was er heel kort nog een opbollende toren te zien die prachtig oplichtte, maar ook die werd heel snel aan het zicht onttrokken. En… het begon ook hier weer te regenen.
Opnieuw verder richting richting Rijssel. De cel bij Doornik had ik dan al opgegeven eigenlijk, je neemt beter wat je hebt waar je bent, al is het niet veel, dan alsmaar rond te koersen en uiteindelijk geen foto’s te hebben. De actieve cellen waren heel wispelturig, het ene moment geven ze de ene ontlading na de andere, vervolgens hullen ze zich in compleet stilzwijgen, en iets later leven ze weer op.
Plots iets voorbij Steenvoorde (N-FR), toen we de afslag naar Poperinge al voorbij waren, een plaats waar het droog was en met enkele zichtbare ontladingen in de verte. Bon dus een donker plekje met zicht gezocht, dat duurt gelukkig nooit lang ginder, en gerief opgezet. We waren ook wat beschut tegen die ook ginder nog steeds harde koele noorden (’t was toen denk ik al geen 20° meer, erg verwarrend om de situatie in schatten zo’n situatie, je vindt er kop noch staart aan als overal waar je bent de onweersbuien van ZZW naar NNO trekken terwijl er voor, tijdens en achter de buien een harde noordenwind staat en temps die te laag lijken om nog voor enig onweer te zorgen, en dat was al zo vanaf de heenweg toen we FR binnenreden!).
Eerst ver ingezoomd en niet veel soeps, toch een mooie ontlading gedeeltelijk vastgelegd die bij de grond een vreemde afbuiging maakte. Daarna iets dichterbij ineens uit het niets enkele mooie ontladingen. Iets meer CC maar dan ook heel mooie erg langgerekte en dichtbije ontladingen en ook een aantal heel mooie wolk-grondontladingen. De mooiste gemist tussen 2 foto’s in, inslag zo’n 5km verderop vermoed ik. Nog enkele andere kunnen vastleggen. Daarna weer lichte regen, maar ’t was nog fotografeerbeer met handdoek op de camera. Dan stuikte de cel even, en kwam iets later weer tot leven met nog enkele CG’s. Maar de regen zette verder door en de opleving was miniem. Toen zijn we gestopt en naar huis gereden, het was al 0u45 en de fut ging er ineens overal uit (eerst nog op heel veel plaatsen weerlicht ook in de verte, maar dat ging er ook allemaal uit).
Onderweg naar Lille en vervolgens naar Kortrijk op 1 heel mooie lange CC niks meer gezien, wel de hele route matige regen en overal grote plassen. De tuiniers ginder zullen tevreden zijn.
Maar we hadden blijkbaar niet zover moeten rijden. Ik hoorde zonet aan de telefoon dat de bliksem een zolderbrand veroorzaakte in de Perenboomlaan in Gullegem, en dat er ook daar een tijd heel veel weerlicht geweest is. Ook hier vlakbij mij thuis moet een nabije inslag geweest zijn. Mijn moeder sprak van een allesverlichtende flits met gigantische knal op ’t zelfde moment. Zij dacht natuurlijk dat het die was die de brand veroorzaakte, maar ‘k heb haar met handen en voeten moeten uitleggen dat dat niet kon, want de Perenboomlaan is meer dan 3 km hiervandaan.
Je weet natuurlijk nooit of je daar of ergens anders meer en betere foto’s had kunnen nemen. Dat hoort nu eenmaal bij de twijfelachtige hobby van een stormchaser J
Hopelijk op naar meer volgende week?
Peter
Quote selectie