Ik zie namelijk nogal wat overlappingen en hiaten. Want is bijvoorbeeld '4': 'Een mogelijke vorstnacht, maar verder niets bijzonders' zoveel anders dan '1': 'Geen kans op winterweer van betekenis'? De omschrijving van '4' is eigenlijk óók geen winterweer van betekenis en dat geldt dus tevens voor de beschrijvingen van '2' en '3,'
Verder is ook SNEEUW voor het wintergevoel zeer belangrijk voor velen (en voor mij), dus dat moet ook een belangrijke plaats krijgen. Mijn wintergevoel is véél groter als er twee dagen achtereen 5 cm sneeuw valt die blijft liggen bij -1 graad, dan bij twee droge winterdagen op rij met brede opklaringen, maar zonder dat er sneeuw ligt of rijp wordt gevormd, waarbij het -5 tot -1 graad wordt.
Er zijn zoveel varianten denkbaar tussen een flitswintertje en een koudegolf en ook hoe die uiteindelijk uitpakken, dat dit (wellicht te?) moeilijk is om in tien cijfers samen te vatten.