Die overgang van mooie droge sneeuw, via papperige sneeuw naar geen sneeuw.
In de winters vroeger, wanneer de dooi inviel, was ik compleet niet te genieten. Echt narrig omdat er een eind aan iets moois kwam. Ik kon er niet tegen.
Wanneer dan de winter weer terugkeerde was ik een en al vrolijkheid.
Nu is er van dat alles niets meer over. De winter komt niet meer, dus hij kan ons ook niet verlaten....