Stel: je hebt een situatie met langdurig hogedrukweer. Door voortdurende subsidentie kan de basis van de subsidentie-inversie dan zakken. Stel dat het condensatieniveau waarop de cumulus kunnen ontstaan hetzelfde blijft. De laag waarin er dan condensatie en wolkenvorming plaatsvindt is veel dunner. De opstijgende lucht wordt dan als het ware gesandwicht in een hele dunne laag, waardoor de cumulus zich vaak uitspreiden tot stratocumulus. Als de cumulus wat meer 'ruimte' hebben, gebeurt dat minder snel. Bij langduriger subsidentie wordt in het zomerhalfjaar vaak de neiging tot bewolking helemaal onderdrukt. 
Dit lijkt nu overigens ook wel zichtbaar op de satelliet: daar waar de meeste subsidentie bij de rugas zit, hebben de cumulus de neiging zich het meest uit te spreiden (rondom lijn Brussel-Amsterdam). 