De Hellmanteller staat in De Bilt na 18 januari op 189,9. Vanaf de definitieve winterperiode op 22-12-62 : 165,6.
Je ziet dat het ook in een koude of strenge winter lang kan duren voor de Elfstedentocht gehouden kan worden. Het duurde vier weken na de inval van de Siberische lucht op 21/22 december voordat de tocht gehouden kon worden. Spelbreker lijkt me vooral de sneeuw, die het rijden lang onmogelijk maakte.
Na 18 januari dendert de winter voorlopig onverminderd voort. Qua koudegetal zaten we net over de helft. De barre omstandigheden op 19 januari met de Elfmerentocht zijn een beetje ondergesneeuwd onder het, uiteraard belangrijker, nieuws over de Elfstedentocht.
Hieronder een fragment uit mijn artikelenreeks over de winter van 63
--------------------------------------------------------------------
Wind en strenge vorst. Bizarre Elfmerentocht op 19 januari
Na die verrassende weerdag op 18 januari dendert de winter onverminderd voort. Voor 19 januari werd
overwegend strenge vorst verwacht bij een krachtige tot harde oostelijke wind. De stroming voert lucht aan uit
Polen waar plaatselijk -32 wordt gemeten. Door de wind warmt de lucht op onderweg maar is nog koud genoeg
om ons opnieuw een extreem koude dag te bezorgen met maxima rond -8. Die zaterdagochtend (de 5- daagse
werkweek was er nog niet) was fietsen naar school bij -12 en windkracht 5 geen pretje; nee, het was zwoegen
met die ijzig koude, harde tegenwind. De conrector was onverbiddelijk tegenover de laatkomers; hij meende dat
we door de berichten van gisteren hadden kunnen weten dat het zo hard zou waaien. In de middag, ik denk op
initiatief van mijn vader, besloten we om op het strand van Scheveningen de ijsmassa’s te gaan bekijken bij
Siberische omstandigheden.
Maar eerst even terug naar Friesland. Door de bijzondere omstandigheden van het ijs was de Elfmerentocht niet
als repetitie voor de Elfstedentocht uitgeschreven; het werd 19 januari. Het gevolg was dat er heel weinig
gerenommeerde elfstedenrijders aan mee deden. De cracks die wel mee deden werden min of meer verrast door
de kracht van de 18-jarige Henk Fennema uit Suameer. Het was hem door zijn ouders verboden om aan de
Elfstedentocht mee te doen, maar op deze dag greep hij zijn kans. Het was een tocht onder zeer grimmige
omstandigheden met temperaturen tussen -10 en -8 bij windkracht 6 (Leeuwarden). Buitengaats ging de wind nog
heftiger te keer: in De Kooy werd in de middag kracht 7 en van 13 uur tot 20 uur zelfs windkracht 8 gemeten bij
temperaturen van -6 tot -7. De organisatie had wijselijk besloten het parcours in te korten. Het werd
desalniettemin een zware tocht in stuifsneeuw over 60 kilometer. Fennema won in een tijd van 2 uur en 50
minuten.
In heel het land stond een vrij krachtige tot krachtige wind uit het oosten; aan de kust hard en in het noordelijk
kustgebied tijdelijk stormachtig. Zoals gezegd, die middag gingen we naar Scheveningen om het ijs op het strand
te zien. Dat was geweldig, het hele strand was veranderd in een sneeuw- en ijsmassa, en bij de vloedlijn lagen
een soort ijsbergen. We hadden ons gelukkig op deze barre omstandigheden gekleed, met dikke mutsen en
kaplaarzen. Kaplaarzen had je wel nodig, want dat strandijs was zacht. Alsof iemand met een reusachtige schaaf
op een blok ijs was bezig geweest; de kleur was een beetje gelig. Je zag overal ijs en sneeuw om je heen, het
was ontzettend koud en de wind loeide om je oren. We waanden ons even op de noordpool. (Zie Afb 4).

Afb. 4 : Scheveningen 19-1-1963
Die 19-e januari 1963 was een gedenkwaardige dag vanwege de combinatie van harde wind en matige vorst. Op
de weerkaart (Zie afb. 5) kunnen we zien hoe dit windveld, ontstaan na passeren van de storing uit de Oostzee,
vooral veroorzaakt wordt door de lage druk in het zuiden van Europa. Het is opnieuw een uitzonderlijke weerkaart
met een krachtig hogedrukgebied tussen Noorwegen en Groenland en een gordel van lagedrukgebieden vanaf
het midden van de oceaan tot Italië. De oostelijke stroming loopt van de Balkan tot aan IJsland. Een groot deel
van Europa heeft overdag matige tot strenge vorst, van -16 in Warschau tot -6 in Bordeaux. En per gratie dan +1
in het uiterste zuidwesten van Ierland. Boven Scandinavië en Finland wordt een verse portie arctische lucht naar
het zuiden getransporteerd. Waar moet nog dooi vandaan komen?

Afb. 5: Weerkaart 19-1-63 om 13 uur
Aanvankelijk werden in Nederland maximumtemperaturen van rond -10 verwacht. Stroomopwaarts zagen we
middernacht temperaturen van -16 in Berlijn en -25 in Polen. Ik vermoed dat het de krachtige wind is geweest die
door menging heeft voorkomen dat het zo koud bleef overdag; op de meeste plaatsen liep de temperatuur in de
loop van de middag op tot -6 of -7. Op onderstaande reanalyse kaart is te zien hoe in het 850 hPa-vlak de
temperatuur in onze omgeving om 18 uur is opgelopen. Mogelijk heeft een kleine winddraaiing hieraan
bijgedragen. (Zie afb. 6)

Afb. 6: Reanalyse 850 hPa 19-1-63 om 18 uur
Hoewel er natuurlijk nog heel veel is te lezen over de Elfstedentocht, blijft het “gewone” winternieuws aanwezig in
de dagbladen. De aanvoer van kolen voor het stoken in huis blijft een onderwerp van berichtgeving. Nu het
vervoer over de waterwegen volledig stil ligt, komt dit in het geheel neer op de sterke schouders van de
Nederlandse Spoorwegen. Het Limburgs Dagblad en het Nieuwsblad van het Noorden berichten daar vrij
uitgebreid over. Hoewel de aanvoer vanaf de mijnen nog redelijk is, is de vraag op dit moment toch groter dan het
aanbod. Om dit enigszins op te vangen is de export van steenkool vanuit ons land reeds stopgezet. Men vraagt
zich wel af of de situatie houdbaar is als de vorst nog veel langer aanhoudt; een situatie die met de dag slechter
wordt. Een punt is natuurlijk de capaciteit van de spoorwegen, naast de steeds aanwezige andere problemen
zoals aan elkaar vriezen van vochtige steenkool, vertraging in de distributie aan huis door de slechte toestand
van de wegen. De gezamenlijke mijnen sturen een telegram naar het Ministerie van Economische Zaken en naar
de Nederlandse Spoorwegen; zij vragen om meer wagons voor het vervoer van kolen. Dat de bezorging al niet
goed loopt blijkt uit de cijfers over levertijd van kolen aan huis. Deze is nu in Eindhoven 1 tot 2 dagen, in
Rotterdam 4 tot 5 dagen, in Den Haag een kleine week en in Amsterdam al 10 tot 14 dagen. Ook elders in
Europa blijft de brandstofkwestie een rol spelen. In Duitsland worden strategische steenkoolvoorraden
aangesproken
Nog een bijzonder bericht: drie meisjes van omstreeks 14 jaar stapten bij Den Helder op een grote ijsschots aan
de zeedijk. Toen een deel afbrak, waarop zij stonden, dreven zij op de schots de open zee op. Omstanders zagen
dit en waarschuwden de politie. De Marine in Den Helder liet zien dat zij tot snel handelen in staat waren: meteen
werd een hulpactie met helikopter en sleepboot opgezet. De meisjes werden na een half uur van de ijsschots
gered, op het moment dat ze al een paar honderd meter richting open zee waren gedreven. En dat bij -5 en
windkracht 7 uit het oosten.
Wegen zijn vaak nog glad doordat het strooien bij deze lage temperaturen weinig effect heeft. Men schakelt op
meer plaatsen over op strooien met calciumchloride. Ook ligt er op veel plaatsen nog hinderlijk veel sneeuw. In
Amsterdam wordt een actie met 1500 mensen opgezet voor het ruimen van sneeuw. En het ijs op de
waterwegen? Dat neemt bij deze uitzonderlijke omstandigheden natuurlijk snel toe. Het is nu zo ver dat fietsers
en voetgangers bij Beusichem en bij Culemborg de Lek kunnen oversteken. Gezien de verwachting van matige
tot strenge vorst bij vooralsnog veel wind, zal het ijs overal snel aangroeien.