De Belgische nationale thermische indicator blijft verder oplopen naar een piek van +6 tot +7, met voor donderdag maxima van 25 tot 30 °C.
Deze opstoot van warmte zal echter van korte duur zijn. Geleidelijk maakt de warmte plaats voor wisselvalliger weer, met een opeenvolging van Atlantische storingen.
Met uitzondering van 2 september, wanneer de indicator tussen +1 en -1 ligt en de maxima slechts 16 tot 21 °C bedragen, zal de indicator naar verwachting schommelen tussen +1 en +4. De middagtemperaturen komen dan meestal uit tussen 19 en 26 °C tijdens de zachtere periodes, en tussen 17 en 23 °C tijdens de minder gunstige weersfasen.
Kortom: na een laatste zomerse opstoot krijgt het weer geleidelijk een meer Atlantisch en herfstachtig karakter.