ECMWF-model tot +240 uur
Beoordeling door meteoroloog
woensdag 23 november 2005 03.51 uur, geldig van donderdag 24 november tot vrijdag 02 december
Synoptische ontwikkeling
De west-oost georienteerde gordel van hogedruk over onze omgeving wordt donderdag doorbroken doordat het koufront van een depressie op de Noordzee ons land passeert. Aan de westzijde van deze depressie vindt sterke kou-advectie plaats. Dit leidt vrijdag tot de afsnoering van een omvangrijk hoogtelaag in het Noordzeegebied. Aan de grond trekken kleine lagedrukkernen cyclonaal rondom dit hoogtelaag.
Op de Oceaan wordt het hoogtelaag geflankeerd door een hoogterug in de richting van Groenland waarbij zich aan de grond een omvangrijk hoog op de centrale en noordelijke Atlantische Oceaan bevindt. Rond maandag gaat het hoogtelaag over in een noordoost-zuidwest georienteerde hoogtetrog. Tegelijkertijd vindt bij Spitsbergen een nieuwe cyclonale afsnoering plaats, ditmaal in zuidwestelijke richting. Hierdoor retrogreert de blokkade in westelijke richting. Uiteindelijk komt het hoogtelaag hiervan boven de Britse Eilanden terecht. Bij ons wordt de stroming dan zuidwestelijk.
Modelbeoordeling en onzekerheden
Grootschalig gezien is de Uitvoer zeer consistent met die van de cyclus van 24 uur geleden. Tot en met maandag 28 november is de Eps Uitvoer eensluidend in de oplossing met de hoogte/hoogtelaag boven het Noordzeegebied. In de details zijn er natuurlijk aanmerkelijke verschillen. Voor vrijdag is de exacte koers van het hoofd-laag van belang voor de windverwachting voor de Noordzee. Een iets oostelijker koers dan de EC2312 Oper Uitvoer laat zien veroorzaakt aanmerkelijk meer wind op de kust. Nu gaan we uit van 8-9 Bft boven Zee en 5-7 Bft op de kust. Daarna worden de verschillen veroorzaakt door de secundaire storingen die rondom het hoofd-laag ontstaan en daar cyclonaal omheen trekken.
Dit geeft nogal wat onzekerheden in de neerslagverwachting. Vanaf vrijdagmiddag is het duidelijk dat de neerslag een winters karakter heeft. Alle parameters wijzen hier op. De kans dat zich ergens (roostervak Eps, 80x80 km) een sneeuwdek van meer dan 1 cm vormt is 20 tot 40%. De onzekerheid zit vooral in de hoeveelheid neerslag en de stroming tijdens en na de sneeuwval. Is deze aflandig, dan blijft de sneeuw gemakkelijk liggen, bij een aanlandige stroming van enige sterkte smelt deze overdag snel weer weg.
Tijdens opklaringen en weinig wind kan het in de polaire lucht flink koud worden. Onder gunstige omstandigheden (sneeuwdek en windstil weer) zijn in de periode tot en met dinsdagnacht minimumtemperaturen lager dan -10 graden niet uit te sluiten. Er kan zich dan mist vormen die overdag moeizaam of niet verdwijnt. In zulke gevallen blijft het overdag vriezen.
Ook na maandag is de Eps Uitvoer aanvankelijk redelijk eensluidend in de ontwikkelingen bij Spitsbergen. Alleen in de koers van dit lagedrukgebied ontstaan op termijn verschillen waarbij de kern in alle gevallen ten westen van ons land blijft zodat de stroming zuidwestelijk wordt. Dit veroorzaakt een geleidelijke aanvoer van zachtere lucht. We zien dan ook zowel de T850 als T2m Pluim na het weekeinde een gelijkmatige stijging vertonen.
Toelichting bij aanpassingen in tabel
Neerslagkans/zonpercentages zaterdag t/m maandag gelijkgetrokken. Neerslaghoeveelheden eerste dagen afgerond op 5-10 mm.
Samenvatting meerdaagse-periode
Donderdag perioden met regen. Vrijdag buien met een toenemend winters karakter en aan de kust mogelijk flink wat wind. Daarna rustig weer met kans op wat winterse neerslag, maar ook opklaringen en hardnekkig mist.
Samenvatting EPS-periode
Wisselvallig weer met af en toe regen, eerst ook nog kans op (natte) sneeuw. Temperaturen geleidelijk stijgend tot rond de normale waarden. (Tmin=2 gr, Tmax = 7 gr)
KNMI
Quote selectie