In de jaren '70 maar ook eind jaren '80 en begin '90 was de Noordelijke Atlantische oceaan ook een stukje koeler. Op onderstaand kaartje de SST anomaliëen van januari 1993. Daarbij heb ik de uitwerking op de ligging van straalstroom getekend.
Koude poollucht die afstroomt tussen Groenland en Canada dringt verder de oceaan op. De ingezakte tropopauze, zoals gebruikelijk boven koude luchtmassa's, zorgt voor lage geopotentialen in de omgeving van IJsland. Samenhangd hiermee verschijnt er een omvangrijk en diep IJslandlaag. De koude lucht reageert heftiger met de warme lucht die achterom het Azoren hoog wordt opgestuwd. Het gevolg is hevige depressie aktiviteit. In Nederland waaien zachte zuidwestelijke winden.
Ondanks de koude Noordzee was dit een zachte en stormachtige wintermaand. In de zomer is de golflengte van de Rosbygolven korter en West-Europa komt dan onder anti-cyclonale invloed.
Wanneer het koude water zich meer in het noordoosten van de Atlantische oceaan concentreerd, met tegelijkertijd, hogere temperaturen in de Labradorzee dan wordt het een ander verhaal.
Victor
Quote selectie