Volgens mij is er momenteel sprake van grove onderschatting en mogelijk onjuiste taxatie van de werkelijke meteorologische orde, waarop weleens wetten van toepassing zouden kunnen zijn die in deze decembermaand nog kunnen leiden tot een ongekende winterinval van allure!
Het zou zomaar kunnen zijn dat onbekende krachten zich met de afloop van het weer in deze decembermaand gaan bemoeien. In de huidige setting van de luchtdrukverdeling ligt namelijk latent een optie verscholen, die slechts voorbehouden is aan de werkelijk grote winters.
Het is zéér fascinerend op weg naar een cruciale fase van de winter - de periode tussen 10 en 20 december - te zien dat een machtig Siberisch hogedrukgebied achter de coulissen staat te trappelen. De vraag is wat dit maximum gaat doen. Het is mijn overtuiging, dat als een dergelijk maximum zich in deze fase van de winter met de afloop van het weer in West-Europa gaat bemoeien, de mond van menig forummer nog weleens open zou kunnen vallen deze maand.
Jan Visser schrijft vandaag in zijn weeroverzicht:
"Op de randen van de weerkaart is te zien hoe het verder uitdijende Siberische luchtdrukmaximum (kerndruk afgelopen nacht 1075 hPa te Ojmjakon) pogingen onderneemt om het noorden van Rusland eindelijk eens van wat gewoner winterweer te voorzien". En verder:
"Niet alleen in het gebergte van Verchojansk maar ook in het Midden-Siberisch Plateau, tussen één van ’s werelds langste rivieren de Jenisej en die andere lange rivier de Lena, worden momenteel bijzonder hoge barometerstanden waargenomen. Tura meldde vanochtend bijna 1069 hPa. Kortom het Siberische luchtdrukmaximum is bezig zich naar het westen uit te breiden".
Ik citeer hieronder uit oud werk van enkele rotten in het vak, Jan Pelleboer en Hans de Jong. In die citaten word je gewaar wat een overrompelend Siberisch maximum vermag.
Pelleboer schrijft: "Op een enkele uitzondering na, duurt een vroeg invallende kou, waaronder de eerste week van december mag worden verstaan, niet lang. Een aantal koude tot strenge winters begonnen in de periode tussen 12 en 18 december. Lukt het dan niet met de vorst, dan moet men vaak al weer tot een tweede voor winterkou gevoelige periode wachten, die in de eerste week van januari valt. Aanwijzingen voor een strenge vorstperiode zijn er heel vaak een week vóór de tijd nog niet. Dat zagen wij in 1946, toen de eerste helft van december zacht verliep en wij binnen 3 dagen in een zeer koude luchtstroom, uit Rusland afkomstig, kwamen".
En Hans de Jong schrijft over 1946-'47:
"De eigenlijke fase begon zich op 10 december af te tekenen. Achter een in zuidelijke richting bewegende storing uit Zweden, draaide de wind in ons land naar het oosten en begon het van het noordoosten uit licht te vriezen. Inmiddels had zich boven Rusland en Scandinavië een reusachtig hogedrukgebied opgebouwd met kern van 1060 hPa nabij Leningrad (het huidige St. Petersburg). Het breidde zich tegendraads naar West-Europa uit, waar 16 december de strenge vorst inzette. Een krachtige noordooster dompelde ons onder in de kou met dieptepunt op 21 december: -18 graden in Castricum.
Gevaar voor een echte kou-uitbarsting in onze omgeving is er pas wanneer Siberië of Rusland hogedrukgebieden opfokt, die zich net als in 1946-'47 in westelijke richting uitbreiden".
Voorwaarde nummer 1 voor een dergelijke manoeuvre is natuurlijk dat in die contreien zo'n potentieel maximum aanwezig is. En we moeten dus vaststellen dat dat momenteel aan de orde is.
Wat zou het mooi zijn, als de luchtdrukgigant boven Siberië deze winter weer eens ouderwets uit de hoek zou komen. We gaan het dan meemaken, dat het inzicht wordt gerenoveerd, dat niet alleen depressies voor verrassende ontwikkelingen kunnen zorgen (zoals die pooldepressie van vorig weekend), maar dat dat zeer zeker ook het geval kan zijn, als zulke hogedrukgebieden zich met de afloop van het weer gaan bemoeien.
Quote selectie