Vorstperiode's, en dan niet van een paar dagen, maar van minstens 2 weken hebben we in Nederland niet al te vaak. Als je de vorstperiode's uit het verleden bekijkt, dan valt het op dat de start of het eind van zo'n periode bijna altijd met nieuwe maan valt.
Ook de continuering van vorst (even kwakkelen en dan weer kou), is ook vaak met nieuwe maan. Dus dit geldt voor beginnende vorst, maar ook invallende dooi(west-circulatie)of doorzettende(continuerende) dooi, wat wil zeggen, een lange zachte winterse periode.
Het jaar 1966, waar Harrie Laanstra het vaak over heeft, had tot 2 maal toe een korte vorstperiode die niet met nieuwe maan begonnen was. De periode's duurde in beide gevallen een dag of 10, en eindigde beide keren precies met nieuwe maan, nml. 22 jan. en 22 feb. Er zat dus geen "kracht" in die periode's omdat ze niet met nieuwe maan waren begonnen.
Meerdere vorstperiode,s die eindigde op of rond nieuwe maan waren 21 jan.1985, 9 jan.1997, 29 jan.1987.
Echte vorstperiode,s beginnen ook vaak op of rond nieuwe maan. Enkele voorbeelden zijn 29 dec.1978, 10 feb.1956, 9 feb.1986, 26 dec.1962.
Ook kunnen vorstperiode's continueren met nieuwe maan. Het kwakkelt dan even maar de kou komt dan snel weer terug. Dit maken we niet vaak mee, maar in 2 lange winters die we kennen kwam het vervolg op de kou op of rond nieuwe maan. Nml. 20 jan.1996 en 25 jan.1963.
Als we nu midden in de winter hadden gezeten, dan had de nieuwe maan van vorige week ook een continuering met zich mee gebracht (een paar dagen kwakkelen en nu weer de "kou"). Dit continueringsproces loopt al maanden, en daar zitten we nu dus midden in!!
Ik heb nog lang niet alle koude of zachte(minder interresant) periode's vergeleken met de maanstanden, het zal ook wel eens niet kloppen, maar het gaat opvallend vaak samen.
Seppie.
Quote selectie