Het wil deze winter niet echt lukken met doorzettende vorst terwijl er kansen genoeg liggen. Die kansen worden gecreëerd doordat de stroming sterk geblokkeerd is en noordelijke hogedrukgebieden op de kaarten verschijnen. Dat we in de Benelux slechts een slap aftreksel van het winterse geweld elders in Europa krijgen heeft indirect te maken met het ontbreken van depressie-aktiviteit in Zuidwest-Europa. De hogedrukgbieden houden vrijwel steeds een verbinding via Portugal naar het subtropische hogedrukgebied, ondanks dat er geen uitgesproken Azoren-hoog is te zien.
Dit heeft te maken met de interactie tussen Atlantische oceaan en atmosfeer. Op onderstaand kaartje zijn de SST-anomalies te zien (afwijking zeewatertemperatuur t.o.v. normaal) van januari 2006. Er loopt een gebied van bovennormale temperaturen midden over de oceaan naar het noorden en noordoosten. Vanaf Noord-Amerika blaast de straalstroom de oceaan op maar wordt nog sterker dan in een 'normale' winter afgebogen naar het noorden. Door de sterke verwarming van de Canadese kou onstaat er een diepe depressie bij New Foundland. Die stuwt aan haar zuid en oostflank warme lucht omhoog die een hoogterug opbouwt en de straalstroom blokkeerd.
Bij een meer zonale stroming koelt de lucht, die min of meer het traject A - B volgt, af in de lagere troposfeer boven het koudere water ten westen van Frankrijk. Deze lucht wordt zwaarder en doet de gronddruk boven West-Europa ook stijgen. Nu is deze lucht nog steeds zacht maar toch een stuk minder zacht dan in het brongebied in de omgeving van de Azoren.
Aan de andere kant bevordert het koude kustwater van ZW-Europa en de Middellandse zee de vorming van hoogtetroggen in die omgeving met sneeuwval rond de Middellandse zee. Skandinavië is omgeven met louw water waardoor de winter daar een stuk minder streng is. Dit patroon van SST-s is de laatste winters schering en inslag.
(Invalid img)
Hieronder een kaartje van januari 1986. Toen was de Noord-Atlantische oceaan in zijn geheel een stuk kouder maar de meeste kou liep vanaf de Labradorzee midden de oceaan op. Koude invallen liepen tot aan de Azoren. Deze kou sleept hoogtetroggen mee en duwt de straalstroom naar het zuiden, die op zijn beurt het Azoren-hoog weg duwt. Lucht die het traject C - D volgt warmt nog ietsje op en wordt daardoor lichter waaronder de gronddruk daalt bij West-Europa (in dit geval vooral bij Spanje). Bij een geblokkeerde drukverdeling kan de straalstroom via de Atlantische oceaan veel gemakkelijker aansluiting vinden bij de hoogtetrog over de Middellandse zee. Een geïsoleerde poel met relatief warm water rond IJsland bevordert op hoge breedte drukstijgingen in de bovenlucht net oost van de warmte anomalie. Skandinavië was in de winter van 1986 omgeven met koud water waardoor de winter daar ook beter stand hield. Deze SST patronen bieden ook een goede voedingsbodem voor een heftig botsen met kou uit het noordoosten en zachte en vochtige lucht uit het zuidwesten uit de Golf van Biskaje.
(Invalid img)
(Invalid img)
Deze winter moet het hebben van de momenten dat de noordelijke hogdrukgebieden hogere barometerstanden weergeven dan in het gebied ten zuidwesten van ons. Februari 1991 is een mooi voorbeeld hoe de winter zonder zuidelijk trekpaard goed kan toeslaan. Een retrograde koudeput had overigens ook een belangrijk aandeel in die winter. Het lot van deze winter hangt dus in handen van de kracht van Noord-Europese hogedrukgebieden. Op Groenlandhogen wordt ook wel gehoopt en die zijn op termijn ook zeker mogelijk alleen het gevaar dat die naar het zuiden de oceaan opschuiven is erg groot. In dat geval noordelijke- tot noordwestelijke winden met maritieme aanvoer en enkele winterse buien. Zowiezo zie ik de geblokkeerde variant stand houden de komende twee tot drie weken waardoor we op het zelfde spoor doorgaan met te koude weer weer. De kans op een verscherpende kou is overigens groter dan aanmerkelijk zachter weer.
Hogedrukgebieden blijven in de buurt maar liggen wellicht wat vaker ten westen van ons in februari.
Victor
Quote selectie