Zomers onweer
Deze benaming is wat onvolledig. Bedoeld wordt een meer geïsoleerde bui die ontstaat door plaatselijke verwarming van de lucht. Dat komt vaak voor in de zomer omdat dan de opwarming van de aarde het sterkst is. Boven zee (en aan de kustlijn) kan dit type onweersbui juist in de herfst optreden als het zeewater nog warm is en de lucht al aan het afkoelen is. Van belang is dat er onstabiele lucht is. Ook moet de lucht snel afkoelen naarmate deze stijgt (bijvoorbeeld meer dan 1 graad per 100 meter). Als het aardoppervlak wordt verwarmd zal de lucht erboven opstijgen en afkoelen. Als de lucht onstabiel is zal de bel warme lucht echter kilometers hoog kunnen opstijgen en zo een buienwolk kunnen vormen.
De omvang van dergelijke buien is zeer divers, soms maar 5 kilometer in doorsnede, soms complexen van 100 kilometer… De verwachting waar deze dan vallen en wanneer is dan ook erg moeilijk. Hoewel de volgende gebieden wel de meeste kans maken op dergelijke buien:
Waar treffen we onweer aan?
In de zomer: Limburg, Brabant, Zuidelijke en oostelijke Veluwe, De achterhoek en de Betuwe
In de herfst: Kust vanaf Den Haag tot en met de Waddeneilanden, Noordzee, waddenzee, IJsselmeer en IJsselmeer 'kust'
Met dank aan Ferry Schmertz.
Quote selectie