En ik zou het zalig vinden om al die zuurpruimen die al de hele winter lopen te zeuren dat het niets is en niets zal worden, op hun bek te zien gaan. En ze zouden dan nog geluk hebben dat ze zacht terechtkomen: in de sneeuw.
Wat een sneeuwdepressie
( 247)
( 56)
( 66)