Er komt met gelijkaardige luchtdrukverdelingen veel minder kou tot stand dan vroeger. De reden is heel simpel: er is minder kou op alle niveaus. De winter was boven de Ijszee 4 to 8 graden te warm! Dan mag het toch geen verrassing heten dat als de lucht uit die richting komt het niet meer zo koud is als vroeger.
Daarenboven bevat de luchtmassa nu veel meer waterdamp en CO2 dan vroeger. Dat verhindert de nachtelijke afkoeling. In de negentiende eeuw bracht een noordwestcirculatie meestal ook geen Helmandagen, maar van zodra er een brug tussen het oceaanhoog en een Russisch hoog tot stand kwam dook de temp pijlsnel naar beneden. De laatste jaren lukt dat niet meer, omdat de in Europa binnengestroomde van oorsprong maritieme arctische lucht te zacht is en dus ook te veel waterdamp heeft opgenomen, waardoor de afkoeling minder snel gaat.
In principe is een ijswinter nog wel mogelijk. Als de afwijkende luchtdrukverdeling lang genoeg wil standhouden, kan het nog lukken. Maar de kansen zijn fel gedaald. Een opwarming van gemiddeld bijna anderhalve graad boven de 50ste breedtegraad in de afgelopen 100 jaar laat zich weldegelijk voelen.
Het wintergemiddelde van de laatste 30 jaar bedraagt in Ukkel 3.6°C. In 1969, na 30 jaar extreem veel wintergunstige drukverdelingen bedroeg dat nog 2.4. In 1897 was het echter 2.0. Hoogste 30 jarige gemiddelde in 19e eeuw was 2.7 in 1877. Het huidige gemiddelde kan dus misschien wel weer een beetje dalen, maar onder de 3°C raken we niet meer, denk ik.
mvg,
Dieter
Quote selectie