Hitte morgen voorbij: komt het nog tot onweer of niet? dinsdag 13 juni 2006
Het warme tot hete weer van de laatste dagen dat, omdat het gisteren in De Bilt net geen 30 graden is geworden, uiteindelijk toch geen hittegolf mag worden genoemd, gaat morgen ten einde. In een groot deel van het land verloopt de overgang waarschijnlijk rustig, maar in het zuiden is er kans op onweer. De komende nacht al. Het zuidoosten zou morgenmiddag en -avond opnieuw met onweer te maken kunnen krijgen, mogelijk met hevig onweer. Maar die buien zijn nog erg onzeker. Ze komen er als een complicatie, die zich de komende 24 uur zou kunnen voordoen, inderdaad ook optreedt. Gebeurt dit niet dan blijft het zuidoosten van die laatste buien verschoond.
Het verschil tussen een hittegolf en geen bedroeg gisteren tweetiende graad. Was het in De Bilt 30 graden geworden dan was de hittegolf, inmiddels wetende dat die 30 graden in De Bilt vandaag al wel is gehaald, 'kat in het bakkie' geweest. Maar op een haar na lukte het dus niet. En omdat voor morgen temperaturen beneden 25 graden worden verwacht, vervliegt de kans op het alsnog voldoen aan de criteria voor een officiƫle hittegolf. We komen in de huidige warme periode dan 1 tropische dag (met een maximumtemperatuur van 30 graden of meer) tekort. Blijft de maximumtemperatuur in De Bilt morgen inderdaad beneden 25 graden, dan beginnen we weer helemaal van voren af aan. Mogelijk vanaf het komende weekeinde.
Het was vandaag in Nederland nog prachtig zonnig en vooral in het binnenland ook erg heet weer met temperaturen ruim boven 30 graden.
Op de weerkaarten zien we op dit moment twee hogedrukgebieden. Een trekt met zijn centrum het westen van Rusland in en heeft het weer bij ons nog net in greep. Aan zijn westflank wordt met een zwakke zuidelijke wind vandaag erg warme lucht aangevoerd, waarin het op veel plaatsen bij zonnig weer ruim 30 graden wordt. Alleen aan zee blijft het kwik bij wind van zee een paar graden lager.
Een ander hogedrukgebied vinden we op de oceaan in de buurt van de Azoren terug. Dit hogedrukgebied heeft een uitloper richting IJsland die langzaam naar het zuidoosten trekt en morgen boven de Britse eilanden ligt. Aan de oostflank van deze rug steekt boven het Noordzeegebied een noordelijke wind op waarmee juist duidelijk minder warme lucht wordt aangevoerd. De overgang tussen beide windregimes bevindt zich in wat we een vore van lagedruk noemen, die vandaag en morgen langzaam over Nederland naar het oosten trekt. Daarin komt ook een koufront mee, dat tussen beide hogedrukgebieden ligt. En dat maakt een einde aan het warme, zonnige weer van nu.
Nu weten de meeste mensen wel dat je bij de overgang van een warm en zonnig weertype als dat van nu en een veel minder warm weertype, zoals dat voor de volgende dagen wordt verwacht, met regen- en onweersbuien rekening moet houden. Hoe zo'n overgang precies verloopt, hangt echter van heel wat zaken af. Zo maakt het tijdstip, waarop de koudere lucht binnenvalt, heel veel uit. Gebeurt dit in de ochtend, op het moment dat het land na de nachtelijke afkoeling nog niet echt is opgewarmd, dan kan het allemaal heel rustig verlopen, al zijn er uitzonderingen. Komt de koelere lucht aan het einde van de middag binnen en heeft de dagelijkse opwarming zijn maximum bereikt, dan gaat het er al gauw veel harder aan toe. Maar ook dan gebeurt het weleens dat een overgang toch heel geruisloos verloopt. Blijkbaar spelen dus ook andere omstandigheden een rol.
Morgen wordt het een stuk minder warm dan vandaag en komen later op de dag in het zuidoosten mogelijk zware onweersbuien tot ontwikkeling. De kans is echter ook aanwezig dat er veel minder gebeurt.
Heel belangrijk op het tijdstip van het binnendringen van de koelere lucht is of er in de atmosfeer andere processen aan de gang zijn die ertoe bij kunnen dragen dat eventuele buien bij hun groei worden geholpen. Te denken valt hierbij aan de hoeveelheid vocht die er voor buien in de lucht beschikbaar is, de temperatuuropbouw van de atmosfeer op het moment van het ontstaan van de buien en het al dan niet aanwezig zijn van wind hogerop in de atmosfeer. Die wind kan ervoor zorgen dat buien sneller groeien, maar kan er bij afwezigheid ook voor zorgen dat het juist niet zo hard gaat.
In de verwachting voor morgen zijn beide scenario's mogelijk. Het kan rustig verlopen, met alleen in het zuiden mogelijk een regen- of onweersbui, maar het kan ook ruiger gaan. In dat geval zou het zuidoosten morgenmiddag en -avond met een paar erg zware regen- en onweersbuien te maken krijgen. Voor de noordwestelijke helft van het land ziet het er in beide scenario's relatief rustig uit, ook al zou het ook in die gebieden wel tot een bui kunnen komen.
vergroot
De neerslagverwachting van het nieuwste Europese model, tot morgen middernacht. Over het zuidoosten en oosten van het land is een band ingetekend waar meer dan 30 millimeter regen wordt verwacht. Overigens kan het hele land wel wat verwachten. Geel staat voor tussen 1 en 10 millimeter. Het noorden komt er met minder dan 1 millimeter echter bekaaid van af.
De grote onzekere is in dit geval de bovenlucht. Terwijl het ene model (het Europese model in dit geval) samen met het koufront ook in de bovenlucht een hoeveelheid koudere lucht laat meelopen (die zich uiteindelijk zelfs tot een soort lagedrukgebied op hoogte afsnoert), zien de kaarten van het Engelse en het Amerikaanse model er wat dit betreft een stuk rustiger uit. Deze twee modellen hebben minder kou in de bovenlucht en laten het systeem dat zich daar wel ontwikkelt ook nog eens duidelijk later dan het Europese model bij ons aankomen. Namelijk op het moment dat het koufront aan de grond onze omgeving al is gepasseerd. De buien die op de grenslijn ontstaan, kunnen dan in de bovenlucht niet meer profiteren van de kou en de wind op hoogte, die het zich daar ontwikkelende lagedrukgebied genereert. Volgens het Europese model lopen die ontwikkelingen wel samenop.
vergroot
De neerslagverwachting van het Amerikaanse model, tot morgen middernacht. Hier wordt de meeste neerslag (de komende nacht al) in het zuidwesten verwacht. Het gaat om sommen boven 10 millimeter. Daarna gebeurt niet veel meer. Ook hier kan het hele land wel wat verwachten.
In de uitwerking tot een weerbeeld zijn die verschillen duidelijk terug te vinden. Volgens het ECMWF leiden alle ontwikkelingen samen morgen in de loop van de middag en in de avond boven het zuidoosten van het land en mogelijk ook in het uiterste oosten tot de vorming van uiterst zware regen- en onweersbuien daar. De andere modellen houden het op een paar buien in het voornamelijk het zuiden van het land de komende nacht en verder eigenlijk vrijwel niets. Omdat de verschillen zoals die hier zijn beschreven al een hele tijd in de kaarten zitten, is het interessant om te zien welke van de modellen in dit geval gelijk krijgt. En waar het verschil uiteindelijk in zit. Voorlopig is het nog heel even gissen naar de uitkomst.
Hoe het morgen met de buien ook afloopt, duidelijk is dat de aanloop naar het weekeinde er een stuk koeler zal uitzien dan de eerste dagen van deze week. Tijdens het weekeinde en in de dagen daarna tekent zich opnieuw een herstel van het zomerweer af. Met meer zon, hogere temperaturen, maar toch ook steeds kans op een lokale (onweers)bui. Meer over het ingewikkelde weer van morgen hoort u via de Meteo Consult weerlijn (0900-9725, 50 ct per min). De opties 1 en 2 vertellen u alles. Voor het herstel tijdens en na het weekeinde kunt u de lange termijnverwachting via optie 5 raadplegen.
Wie weet of het in zuid west nederland ook netzo
als limburg noodweer ga worden
Bron: ECMWF, NCEP , Meteo Consult
Quote selectie