De buiigheid boven Nederland bestaat het restant van de oostelijke clusters, dit trekt over het oosten, het gebied aan de zuidwestflank van het laag trekt over het westen. De koers van het gebied met de meeste neerslag (30-40 mm in 12 uur) is over het westen van het land, tussen 00 en 06 UTC.
NEERSLAG: Hoewel er in de Modeluitvoer duidelijke maxima voorkomen (westen en een tweede strook over het oosten) is het niet mogelijk nu uitspraken te doen over waar de meeste neerslag valt. Daarvoor schuift de Uitvoer te veel.
De karakteristieke hoeveelheid ligt op 20-40 mm in de gebieden met veel neerslag, zeer lokaal valt nog wel meer (circa 50 mm). Alleen in het zuidoosten hebben we met echte buien te maken, met kans op windstoten tot maximaal 40 knopen, onweer (kans 21-03 UTC vrijwel 100% in kanskaartjes, kans op zwaar onweer, minimaal 500 ontl/6 uur, 75-85%) en hagel. Elders vindt de neerslagvorming plaats door opglijding over de koude lucht ten W en N van de storing en hebben we met potentiƫle onstabiliteit en verscholen CB's te maken.
Quote selectie