De "normale" regenboog ontstaat uitsluitend door de breking en spiegeling van licht in de regendruppels. Wanneer de druppels echter veel kleiner worden, kan naast terugkaatsing van licht ook diffractie een rol gaan spelen. Het patroon dat hierdoor onder de hoofdboog verschijnt, is daarom een interferentiepatroon. De intensiteit van het interferentiepatroon gaat als de sinus van de hoek in het kwadraat gedeeld door de hoek in het kwadraat. (Zie voor de formule onderstaand figuur, dat werkt beter dan een formule in een tekst beschrijven

)
Het grafiekje geeft de intensiteit weer als functie van de hoek, je ziet dat deze behoorlijk snel afneemt. Daaruit kun je afleiden dat je wel een zeer heldere regenboog nodig hebt om het vierde intensiteitsmaximum nog te kunnen zien. Overigens ook leuk om te zien dat bij een corona rond de zon (ook een diffractieverschijnsel!), ook de kleuren violet en groen overheersen, op grotere afstand van de zon tenminste. Zie de foto onderaan.
Groeten,
Bas
Foto gemaakt in de Franse Alpen tijdens mijn
fietsvakantie .
Quote selectie