De conclusie "na een extreme april volgt zelden een extreme zomer" is natuurlijk logisch.
Dat is bij een willekeurige aprilmaand ook zo.
Die plotjes met de Z500 afwijking lijken misschien wel aardig, maar je krijgt natuurlijk
altijd een signaal eruit, dat totaal niet statistisch significant hoeft te zijn. Hoeveel standaarddeviaties zijn de afwijkingen bijvoorbeeld? Er zijn in de statistiek vele betrouwbare tests ontwikkeld waarmee je de statistische significantie van bepaalde patronen kunt bepalen. Kijk, wij zijn mensen en we zien overal patronen in. Daar hoeft echter geen enkele wetmatigheid aan ten grondslag te liggen! Daar zijn nou net die statistische testjes voor, om te bepalen hoe groot de kans is dat je volledig per toeval een bepaalde opeenvolging van gebeurtenissen kreeg. Je zegt trouwens dat je geen statisticus bent, maar je doet wel degelijk statistische uitspraken.
Ik vind Bens plotje nog het veelzeggendst.
Stel dat je een zeer warme april definieert als een punt waarvoor de 'yearly index' langs de verticale as groter dan 2 is.
Je ziet duidelijk dat er zowel koele als warme zomers gevolgd zijn op een dergelijke aprilmaand, zonder een duidelijke voorkeur. Het is niet zo dat de puntenwolk een verhoogde concentratie linksbovenin laat zien of zo. Nee, het ziet er juist allemaal volstrekt willekeurig uit.
Groet,
Alwin
Quote selectie