Meteoconsult is redelijk positief (www.weer.nl). Misschien is dit al eerder gepost, zo ja dan mijn excusus.
Koude tweede winterhelft zeer goed mogelijk maandag 19 januari 2004
In het verhaal van afgelopen vrijdag werd al aangestipt dat er op de “ultra-termijn” zwakke aanwijzingen waren dat het weerbeeld naar een winters type zou evolueren. Inmiddels – drie dagen later – zijn deze aanwijzingen niet verdwenen, maar sterker geworden! Tussen neus en lippen door werd opgemerkt dat 1956 een goed, zij het extreem voorbeeld was van een winter die zacht was, op een extreem koude februari na.
Winterliefhebbers reageren nogal sceptisch als 1956 wordt aangehaald als een voorbeeld waarin een slappe winter zich uiteindelijk toch nog tot een strenge wist te ontpoppen. Een dergelijk extreem weerbeeld zou zich heden ten dage niet meer voor kunnen doen. Dat is heel goed mogelijk, maar niet 100% zeker. Per slot van rekening was oktober vorig jaar, na een bijna recordwarme zomer, toch ook bijna record koud. Wie had dat half september verwacht? Niemand toch zeker? En toch gebeurde het! Waarom zou dan een zeer koude februari, ook na een zachte december en januari niet mogelijk zijn? Februari kan immers flink winters uitpakken, wat natuurlijk niet meteen hoeft te betekenen dat het dan net zo koud wordt als in 1956. Bovendien ligt die gebeurtenis al bijna een halve eeuw achter ons en is daarom al een beetje geschiedenis geworden.
De eerste winterhelft van het seizoen 1990-'91 vergeleken met de tweede helft. De moraal: schrijf een winter niet te snel af!
Wellicht dat een wat minder extreem, maar veel recenter voorbeeld meer tot de verbeelding spreekt. De winter van 1990/’91 stelde lange tijd ook maar bar weinig voor. Half december schommelde de temperatuur een aantal dagen rond het vriespunt, maar eigenlijk was het vrijwel uitsluitend zacht weer dat de klok sloeg en ook de eerste helft van januari verliep nagenoeg vorstloos. Na de 15e begonnen vorstdagen zich echter aaneen te rijgen en werd het overdag niet veel warmer meer dan een graad of vijf. Tot en met de derde januariweek bleef het echter bij wat kwakkelweer en het wintergetal lag te De Bilt op dat moment nog duidelijk lager dan de 12.5 punten die we dit jaar tot dusver bijeen hebben gesprokkeld. De weerkaarten gingen echter steeds meer winters ogen en terwijl januari verstreek en februari begon, lag het kwik meer onder dan boven het vriespunt. Lokaal kwam het ’s nachts zelfs tot strenge vorst en kwam het hier en daar tot één of meerdere ijsdagen.
In de nacht van 5 op 6 februari stak er een ijzig koude oostnoordoostenwind op en daalde het kwik in het hele land tot ver onder nul, om er voorlopig niet meer bovenuit te komen! Er volgden zes ijsdagen op rij, ’s nachts kwam het tot strenge vorst en te De Bilt kon men een officiële koudegolf noteren tijdens welke de gemiddelde etmaaltemperatuur -6.6 graden bedroeg. Na de 11e hield de winter het echter nog niet voor gezien. Het bleef koud met weliswaar soms wat lichte dooi overdag, maar ’s nachts bleef het stevig vriezen en bovendien ging het sneeuwen, wat veroorzaakt werd doordat er een koudeput vanuit Oost-Europa over onze omgeving naar het westen koerste. Zo viel er op maandag 11 februari al een flink pak sneeuw in delen van het land. De wind verliet de oosthoek en zo nu en dan lekte er wat mildere zeelucht het land binnen, maar van een echte, doorzettende dooi was geen sprake, omdat het hoger in de atmosfeer koud bleef.
Op maandag 11 februari 1991 viel er in de namiddag en avond een dik pak sneeuw. Deze foto is een dag later, rond het ochtendkrieken gemaakt.
Uiteindelijk probeerde op vrijdag 15 februari echt zachtere lucht ons land te veroveren. In de namiddag begon het inderdaad te lichtjes te regenen, maar niet nadat er in een groot deel van het land 8 tot 15 cm sneeuw was gevallen! Hier en daar was de sneeuwdikte tot zo’n 20 cm opgelopen en er lagen sneeuwduinen tot een halve meter! Daags daarna steeg de temperatuur tot rond +3 graden, maar vielen er alweer natte sneeuwbuien, die aangaven dat de relatieve warmte in de hogere luchtlagen werd opgeruimd. De dagen daarna bleef het overdag licht dooien, maar vroor het ’s nachts licht tot matig. De gemiddelde etmaaltemperatuur kwam daarbij maar amper boven het vriespunt uit en het sneeuwdek, dat wel verouderde, kon zich behoorlijk goed handhaven. Te De Bilt lag de gemiddelde etmaaltemperatuur tot en met 15 februari op alle dagen (ruim) onder nul en pas na de 20e kwam deze voor het eerst boven de +2 graden uit. In de laatste februariweek volgde er dan wel een krachtige dooi, zelfs uitmondend in onvervalst lenteweer rond de 25e, maar toch leverde de maand als geheel nog een negatieve temperatuur op, namelijk -0.8 graden.
In de middag van vrijdag 15 februari 1991 was de sneeuwdikte te Bennekom opgelopen tot 20 cm met duinen tot een halve meter. Tot op heden zou er in deze plaats nooit meer zoveel sneeuw komen te liggen!
Of er een duidelijke parallel is te trekken met dit jaar, is nu natuurlijk nog koffiedik kijken. Toch is er nog steeds geen reden tot wanhoop. Inmiddels is het boven Scandinavie erg koud geworden en daar komt de komende dagen een, zij het nog niet heel sterk, hogedrukgebiedje tot ontwikkeling. Leek het er gisteren op dat Nederland een aantal dagen op het grensvlak tussen kou in het oosten en zachte lucht in het westen zou komen te vertoeven, nu lijkt het erop dat we een aantal dagen wat nadrukkelijker met kou komen te zitten, wellicht alleen het uiterste zuidwesten niet. Dinsdagavond al begint het op veel plaatsen te vriezen en er volgen een paar nachten met lichte en in de oostelijke helft van het land ook matige vorst. Ook overdag blijft het kwik laag, vooral in de oostelijke helft van het land komt het kwik na morgen een aantal dagen maar amper boven nul en lokaal zelfs helemaal niet!
Vrijdag dringt er opnieuw zachtere lucht op met regen, wellicht voorafgegaan door sneeuw en er volgt een zacht en regenachtig weekeinde. Hebben we dan opnieuw een winterse speldenprik gehad en moeten de winterse aspiraties opnieuw in de koelkast worden opgeborgen? Dat valt wellicht mee. De modellen zijn vandaag eensgezind in hun berekeningen dat volgende week boven Noord-Europa de luchtdruk sterk gaat stijgen en dat zich in de hogere luchtlagen in onze omgeving een zogenaamde “koude put” gaat afsnoeren. De winterkou zou dan wel eens rap kunnen terugkeren en ook de kans op (enige) sneeuw lijkt ditmaal behoorlijk groot te zijn. Kortom, de winterliefhebbers kunnen hoop hebben. Wie weet vormt het winterseizoen van 1990-’91 een voorbeeld voor het weersverloop van déze winter de komende weken. De tijd zal het leren…
Bel voor nadere informatie over het weersverloop voor de komende tien dagen de Meteo Consult weerlijn, 0900-9725 en kies dan optie 5.
Bron: Weer een eeuw, Eigen archief , Meteo Consult
Quote selectie