Beste Wim,
Hoewel het waarschijnlijk paarlen voor de zwijnen zijn....nog één poging tot uitleg met als voorbeeld pootaardappelen en maïs.
Door de droogte van de afgelopen maanden is de ontwikkeling van de pootaardappelen ver achtergebleven bij normaal. De uiteindeijke opbrengst zal op veel percelen minder dan de helft van normaal zijn.
Dat betekent:
1. grote economische schade voor de telers en voor alle bedrijven (zoals loonbedrijven die oogsten) die van voornoemde teelt afhankelijk zijn.
2. doordat er volgend groeiseizoen dus veel minder pootaardappelen beschikbaar zijn, stijgt de prijs aanzienlijk. Daardoor stijgt uiteraard ook de prijs, die jij voor je kilootje aardappelen moet gaan betalen. Ik weet zeker, dat je dat niet met een glimlach doet.
Doordat het maïs nu heel laat gaat groeien (voor zover dat nog lukt) kan het ook pas heel laat geoogst worden. In november zijn de akkers doorgaans al zo nat, dat ze voor het zware landbouwverkeer heel moeilijk toegankelijk zijn. Er zal dus gekozen moeten worden voor een veel arbeidsintensievere manier van oogsten met alle financiële gevolgen van dien.
Veel minder opbrengst, veel hogere oogstkosten, etc. betekent voor de afnemers (veeboeren, maïs is veevoer)dat de prijs die ze voor dat voer moeten betalen sterk gaat stijgen. Dat vind jij dan weer terug in de prijs van je melk, etc. etc.
Quote selectie