Afgelopen week was ik samen met een groep vrienden (ook forummers hier) in het Reuzengebergte, op de grens tussen Tsjechië en Polen bij Malá Úpa. Bij aankomst op zaterdag 7 februari was het +2°C maar er dooide gelukkig niets van het reeds aanwezige sneeuwdek van 35 cm weg. Ook bevond ons huis, gelegen op 995 meter hoogte, zich op dat moment volledig in de wolken. Later trokken de wolken wat op.
De volgende dag werd het opnieuw grijs, maar de vorst had wel zijn intrede gedaan: -2,0°C. Tot de middag bleef het droog, zodat er foto's gemaakt konden worden rond het huis. Vervolgens begon het enige tijd te sneeuwen en trok de wind nog iets verder aan, waardoor we voor het eerst te maken kregen met opwaaiende sneeuw. Daarnaast daalde de temperatuur gestaag, om 15:30 uur was het reeds -4,5°C en om 18:15 uur -6,4°C. Er viel uiteindelijk zo'n 7 cm nieuwe sneeuw, waarmee het sneeuwdek gegroeid was tot 40-45 cm.
Op maandagochtend een schril contrast met de dag ervoor, het was helemaal opgeklaard en de zon scheen uitbundig. De temperatuur was in de nacht nog gezakt tot -8,4°C. De rest van de dag werd de groep van 9 personen in tweeën gesplitst, ik ging mee met een groepje dat boodschappen heeft gedaan in Trutnov (in het dal). In het dorp hebben we nog het plein opgezocht waar een webcam op gericht staat en geprobeerd erop te komen. De camera maakt elke minuut een foto op een hoge resolutie, dus zo'n groot probleem bleek het niet. Om 14:26 uur is het groepje vereeuwigd op de webcam

. V.l.n.r. Ben, Chris, Jorrit en Roland. Bij het huis werd het overdag -2,9°C, de tweede ijsdag was dus binnen!
De nacht naar dinsdag koelde het af naar -7,5°C. Overdag ging één groepje naar de Sniezka, de hoogste bergtop van het Reuzengebergte, terwijl een klein groepje achterbleef in het huis vanwege de fysieke inspanning en de matige weersomstandigheden die verwacht werden voor de tocht. Overdag werd het even flirten met het vriespunt, mede dankzij een beetje zonneschijn, maar uiteindelijk kwam het maximum uit op -0,5°C. Opnieuw een ijsdag dus, de derde op rij. Zo rond half vier begon het lichtjes te sneeuwen, iets wat de uren daarna niet meer ophield. Toen het groepje terugkwam van de Sněžka bleek dat zij al hadden ervaren dat de wind begon toe te nemen, op een vlakte rond 1400 meter maten zij een windstoot van 114 km/uur.
De toename van de wind en de lichte sneeuwval kondigden de woensdag aan, de dag waarvoor we vooraf al de grootste kansen op sneeuwjacht of -storm hadden verwacht. Een depressie die ten noordwesten zou moeten passeren zou voor een straffe wind zorgen uit het zuiden tot westen en geregeld sneeuw moeten opleveren. Dinsdagnacht koelde het nog af naar -5,4°C maar de aantrekkende wind maakte een lager minimum duidelijk al onmogelijk. Later in de middag trok de wind aan naar hard tot stormachtig, 7 tot 8 Bft, waarmee aan het KNMI-criterium voor een volle sneeuwjacht of af en toe sneeuwstorm voldaan werd. Daarbij sneeuwde het meest licht, bij tijd en wijle matig. Aan het einde van de dag om 23:40 uur werd geconstateerd dat we er al 29 uur sneeuwval op hadden zitten. Er is dan zo'n 15 cm nieuwe sneeuw bijgevallen en er zijn her en der sneeuwduinen tot 3 meter hoogte ontstaan.
Op donderdagochtend kwamen we tot de ontdekking dat we eerst de voordeur moesten uitgraven. Er had zich een sneeuwduin gevormd van 50 cm waardoor we niet meer naar buiten konden. Nadat dit duin was weggeschept volgde een redelijke dag met vrijwel continu lichte tot matige sneeuwval, soms ook tezamen met wat zonneschijn (de convectieve bewolking waar de sneeuw uitviel loste naar beneden toe op). Wederom werd onze groep in tweeën gesplitst, de ene ging opnieuw de Sněžka bedwingen (ditmaal van een andere kant) en de andere groep maakte een wandeling door het dorp en langs de weg aan de Poolse kant om deze te verkennen voor het vertrek van 3 leden van onze groep de volgende ochtend.
Vrijdagochtend vertrok een eerste deel van onze groep met de auto terug naar Nederland. In de nacht koelde het nog wel af tot -10,2°C, waarmee de eerste strenge vorst van de week opgetekend werd. De achtergebleven groep heeft een paar kleine wandelingen rond het huis gemaakt, gepingpongd en wat schoonmaakwerk verricht. In de middag werden de auto's ook nog uitgegraven die vooraan bij de weg stonden, de auto die in de ochtend was vertrokken stond op een bewaakte parkeerplaats verderop die niet uitgegraven hoefde te worden. Vrijdagnacht maakte de temperatuur nog even een vrije val en haalde uiteindelijk -11,8°C, de tweede strenge vorst van de week en tegelijk het laagste minimum. We vertrokken op zaterdag bij een temperatuur van -8°C en een zwakke tot matige noordwestelijke wind. Het sneeuwde ook nog steeds, al met al heeft het vrijwel continu gesneeuwd sinds dinsdag 15:30 uur (90 uur) wat heeft geresulteerd in een totaal van 35-40 cm nieuwe sneeuw en een dek van 70 cm (los van duinen). Onderweg naar huis lag er nog tot Görlitz (grensovergang Duitsland) sneeuw op de weg, vanaf daar was alleen het landschap geheel bedekt tot Keulen. Aangekomen in Maastricht was het een grijze en groene bedoening bij een oud-Hollandse temperatuur van +2°C...
Gr. Ben
Quote selectie