Afbeeldingen bij verhaal

Bericht van: VdeV(Heerenveen) , 07-12-2009 16:47 

Ter ondersteuning van bovenstaand verhaal hieronder enkele illustraties en enig uitleg van begrippen.


Figuur 1: Zonaliteit door de tijd en met de hoogte tussen 50° en 80° noorderbreedte. In de middelbare stratosfeer is een afname van de poolwervel te zien die zich de neiging heeft uit te breiden naar beneden. Ook mooi is de SSW van vorige winter te zien. Eind januari een enorme verzwakking in de middelbare en hoge stratosfeer met daarna uitbreiding naar beneden. De lagere zonaliteit in de lage stratosfeer hield tot begin april aan.

Figuur 2: De zonaliteit boven de tropen van het lopende jaar. De groene band geeft een laag met oostenwinden aan. Bovenin de stratosfeer sterke westenwinden, zowel in het voorjaar als het najaar, wat aangegeven wordt met de gele en rode kleuren.
Ook onderin de stratosfeer is een band met westelijke afwijkingen te zien. Die banden met winden zakken geleidelijk naar beneden zodat een jaar later het patroon is omgekeerd. De sterke westenwinden in de hoogste lagen zijn dan in de middelbare stratosfeer belandt en de oostelijke winden zijn tot in de troposfeer doorgedrongen. Weer een jaar later is het patroon weer omgekeerd en dus vergelijkbaar met het huidige. Deze schommeling noemt men de quasi biënnial oscillation, vrij vertaal de quasi tweejarige schommeling, afgekort: QBO. De toestand van de middelbare stratosfeer (rond 30 hPa) is leidend en daar is de wind oostelijk. De QBO zit nu dus in de oostfase net als in het najaar van 2007, 2005 en 2003. Af en toe slaat de QBO een jaartje over vandaar ook de toevoeging 'quasi'.

(Invalid img)
figuur 1


(Invalid img)
figuur 2



Hieronder de wisselwerking tussen SST-anomaliëen en de stroming in de bovenliggende atmosfeer. Oceaantemperaturen worden vaak en snel overgedragen aan de atmosfeer. Afwijkingen in het oppervlaktetemperaturen kunnen dus ook afwijkingen in het stromingspatroon veroorzaken. Boven lagere SST's krimpt de troposfeer, dalen de drukvlakken in de bovenlucht en daar onspringt een hoogtetrog. Boven hogere temperaturen zet de atmosfeer uit, duwt de drukvlakken omhoog en daar ontspringt een hoogterug. Van daaruit kan de golfbeweging zich oostwaarts voortplanten waarbij een herhaling van troggen en ruggen onstaat.

Figuur 3: Lagere temperaturen in het zuidwesten van de Noord-Atlantische Oceaan bevordert een hoogtetrog nabij de Azoren. In combinatie met de hogere SST's ten westen van Portugal daalt de druk op zeeniveau. Bij ons draait de wind dan naar het oosten. Hogere temperaturen in het noordoostelijke deel met aangrenzende zeëen verlaagt de druk op zeeniveau zodat bij Nederland de wind naar het westen draait. Stroomafwaarts kan het via de bovenlucht een hogedrukgebied boven Rusland bevorderen.

Figuur 4:
Het patroon van oppervlakte temperaturen in het noordelijke deel van de Stille oceaan van de PDO. De zone met lagere temperaturen van de Beringzee, via de golf van Alaska langs de Noord-Amerikaanse westkust in combinatie met de warme tong vanaf de oostkust van Japan naar het centrum noemt men de PDO in de koude fase. Zijn de afwijkingen in die gebieden omgekeerd dan zit de PDO in de warme fase.
Van daaruit wordt een golf patroon in de straalstroom gegenereerd beginnend met een trog boven de Golf van Alaska. Er wordt een slingering met grote amplitude getoond (paars) en een situatie waarbij de straalstroom strak getrokken wordt door de Labrador koude poel (oranje).

Figuur 5: De warme zone in de tropen in het oostelijke deel van de Stille Oceaan is El Nino.
Daarbij worden de effecten op de drukverdeling rond Noord-Amerika getoond zoals uit verschillende studies is gebleken.

Figuur 6:
De wisselwerking van de enorme Aziatische temperatuurverschillen op de Japanse straalstroom. Bij hogere SST's rond ZO-Azië is de jet sterker en strakker en loopt eerst recht naar het oosten. Dit gaat vaak samen met het breken van rosbygolven in de stratosfeer boven Mongolië (upward propagation).
Dit is een patroon wat we de laatste jaren vaak zien na het eindigen van Aziatische moesson.
Vervolgens slingert de straalstroom over de noordpool en genereert voor Europa een anti-winterse drukverdeling.

Figuur 7:
De Japanse jet is zwakker en buigt boven de Stille Oceaan snel af naar het noordoosten. Dit patroon wordt versterkt door de koude PDO. De transarctische rosbygolf komt in hoogwinterse toestand bij Europa aan. Dit patroon speelde een dominante rol in de winter van 1963. In recentere jaren kwam dit in Pacifische gebied ook voor in februari 2006 en eind december vorig jaar. Enkele weken later was de Europese drukverdeling hoogwinters.



(Invalid img)
figuur 3

(Invalid img)
figuur 4

(Invalid img)
figuur 5

(Invalid img)
figuur 6

(Invalid img)
figuur 7

Victor
Bericht laatst bijgewerkt: 07-12-2009 17:15

Winterprognose 2010   ( 1869)
VdeV(Heerenveen) -- 07-12-2009 15:55
Vakmanschap = Meesterschap !   ( 522)
Frank (Antwerpen) ( 5m) -- 07-12-2009 16:15
Zo hoor je inderdaad een seizoensverwachting....   ( 402)
Tim (Steenwijkerwold) ( 9m) -- 07-12-2009 16:20
Over Siberische sneeuw en NAO/AO   ( 459)
Henk L. (Groningen) -- 07-12-2009 16:38
Re : Over Siberische sneeuw en NAO/AO   ( 281)
VdeV(Heerenveen) -- 07-12-2009 16:49
Prachtig doorwrocht verhaal   ( 442)
Micha (Bodegraven) -- 07-12-2009 16:21
Afbeeldingen bij verhaal   ( 410)
VdeV(Heerenveen) -- 07-12-2009 16:47
Re : Afbeeldingen bij verhaal / aan forum beheer....   ( 198)
Dick (Eijsden) -- 07-12-2009 23:06
Re : Winterprognose 2010   ( 425)
Robin (Barendrecht) -- 07-12-2009 16:20
Ik hoop dat je gelijk krijgt   ( 414)
Erik (Veendam) -- 07-12-2009 16:24