is dat het
A uit alle windstreken (fors) kan sneeuwen
B gisteren het onweer maar weer eens aantoonde hoe onstabiel alles is (en blijf) Met andere woorden reken niet op een stabile vorstperiode
C de modellen het moeilijk zullen houden om een goede verwachting te maken doordat deze weersituatie zich zelden of nooit voordoet of heeft vorgedaan
D je eigen kennis en kunde goed kunt gebruiken om een verwachting te maken.
E Er nog meer winterse verrassingen zullen komen in de vorm van "overlast door sneeuw en ijzel"
FWe in grote delen van de Benelux eindelijk eens kunnen genieten van een mooi sneeuwdek zonder aantasting (van / door dooi).
Quote selectie