Dit kan natuurlijk alleen maar goed aflopen. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan. Het laag op de coeaan trekt de koude lucht van het continent aan en heeft daardoor de neiging karaktertrekken van een polar-low te vertonen. Dit laag trekt vervolgens over de Benelux met 30 tot 50 cm sneeuw (vroeger hadden we het over 10 tot 20 maar dat vinden we allemaal niet meer zo indrukwekkend) en trekt de oostenwind erin. Omdat het hele continent ondersneeuwt vormt zich gemakkelijk een hoog dat fungeert als koudepomp waardoor uiteindelijk het vasteland afkoelt, eerst aan de grond en later in de bovenlucht. Zo wordt er een koudeput gecreeerd die later westwaarts met 30 cm sneeuw over de Lage Landen trekt en verbinding zoekt met een laag op de oceaan.
Dat zijn zo ongeveer de vooruitzichten tot half mei. Tegen die tijd werkt dit principe niet meer omdat de oceaan een grote ijszee geworden is. Daar hebben de modellen vaak nogal moeite mee, vandaar de onzekerheid.
Quote selectie