Dag,
2) Waarom is het effect van de aardas zoveel groter dan dat van de perihelion-aphelioneffect. De schuine aardas is verantwoordelijk voor de seizoenen. Maar de afstanden die men dan dichter bij de zon komt te liggen is ongeveer 25000 km. Dit terwijl het bij de perihelion/aphelioneffect om 5 miljoen kilometer gaat. Waarom heeft dat laatste maar een klein effect, en dat eerste het effect om de seizoenen te bepalen. Waarom overheerst het effect van de aardas.
De afstand zon-aarde is gemiddeld 150 miljoen km, een variatie van 5 miljoen km maakt dat de zon in afstand dus circa 3,5% kan variëren.
De inkomende stralingsenergie zal dan ook een paar procent variëren.
De schuine aardas veroorzaakt echter vele malen meer verschil in de inkomende stralingsenergie tussen zomer en winter.
Een bundel zonnestralen onder een inkomende hoek van 20º heeft een veel groter oppervlak te verwarmen dan een bundel die loodrecht op de aarde valt.
Op een vierkante meter aardoppervlak zal dat al gauw een verhouding van 1:10 opleveren in energieontvangst.
Nog afgezien van het energieverlies door weerkaatsing, absorptie en afbuiging door de veel langere weg die de stralenbundel maakt door de atmosfeer bij een lage invalshoek.
En, bijna vergeten..., de grote variatie in daglichtlengte natuurlijk die ook het gevolg is van de schuine aardas.
Quote selectie