Leuk, ook iemand die berekeningen maakt van schaatsdagen! Je site kende ik natuurlijk al langer, Cees. Op logboekweer.nl besteed ik ook aandacht aan schaatsdagen, zoals je misschien weet. Ik heb de verschillende berekeningen eens naast elkaar gezet voor twee stations:
De Bilt
Rotterdam
Je gaat uit van een 'Hellmannsom' van tenminste 16.
Ik maak voor mijzelf meestal een berekening op basis van de 'vorsturen', d.i. 1 graad vorst x 1 uur. Er zijn dan iets van 250 vorsturen nodig om om 10 uur 's ochtends op het ijs te kunnen staan. Bij een berekening op basis van etmaalgegevens is het noodgedwongen wat grover, je weet dan niet hoeveel ijs er aan het begin van de dag ligt.
1 Hellmannpunt = 24 vorsturen; 16 hellmannpunten is dan 324 vorsturen. Je legt de lat dus iets hoger dan ik. Bij dooi gebruik je een factor 2,5 waarbij je aangeeft dat die wel eens te groot zou kunnen zijn. Ik denk ook dat het aan de hoge kant is.
In de figuren blijkt dat het in de meeste gevallen aardig overeenkomt, gelukkig maar. Ik vind na een periode van dooi wat meer losse schaatsdagen als de vorst nog eens een dagje terugkomt. Ik denk dat ik mijn criteria daar aan moet passen.
De vergelijking van periodes met veel en weinig schaatsdagen op je website is leuk, maar er staat wel een stukje 'wishful thinking' bij: we hebben het dieptepunt nu wel gehad. Hoezo? Het is fijn dat we tot en met 2013 weer een rijtje schaatswinters hebben gehad, maar voor zover mij bekend: 'resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst'. Helaas.
Nog een opmerkelijk feit: 21 februari 1985 komt zowel volgens jouw methode als bij mij niet als schaatsdag tevoorschijn. Op die dag werd de Elfstedentocht gereden, maar de temperatuur was het hele etmaal boven 0. Bij mij is het criterium dat de temperatuur 's ochtends om 10 uur onder 0 moet zijn.
http://www.logboekweer.nl/maand/1985/Leeuwarden_Februari_1985.pdf
Quote selectie