De warmte-inhoud van de Noord-Atlantische oceaan is vooral van belang voor het arctische zee ijs. Die wordt niet alleen bepaald door klimaatsopwarming maar ook door verandering in circulatie. Onderschat de rol van de AMO niet in versnelde afsmelt van het ijs. Die kwam eind jaren '90 in de warme fase terecht. Vervolgens duurt het een jaar of 5 voordat dat warme water in de Noordelijk IJszee terechtkomt net voordat 'dramatische afname' op gang kwam. Satelliet metingen startten in de koude fase. Ook nu gaat we weer die kant uit. Over een jaar of 10 zal dan duidelijk worden wat de daadwerkelijke bijdrage daarvan op het zeeijs is.
Verder kun je de vraag stellen hoeverre de warmte-inhoud van de Noordelijke IJszee toeneemt. Open water dat in beweging is verliest in het najaar veel meer warmte dan water met ijsbedekking.
Wat staat er precies in deze grafiek? En heb he er ook een bron bij?
En over het laatste punt: dat is natuurlijk alleen zo als de bovenliggende lucht kouder is. Is het probleem op dit moment niet juist dat dit nu in een groot gebied andersom is?