Inhoudelijk wordt zijn verhaal keer op keer ontkracht. Toch blijft hij er mee doorgaan.
De tegenargumenten zijn zo krachtig, dat hier mee doorgaan, niets anders is, dan bewust andere mensen bedriegen.
Kwalijk.
http://klimaatveranda.nl/category/salomon-kroonenberg/
In De Volkskrant van afgelopen zaterdag stond een interview van Maarten Keulemans met Salomon Kroonenberg, naar aanleiding van diens nieuwe boek over de zeespiegel. We zijn in het verleden wel eens kritisch geweest op Keulemans, maar in dit geval zijn zijn vragen heel wat beter dan de antwoorden van Kroonenberg. Cynici zullen zeggen dat dat niet zo moeilijk is, en dat klopt ook wel, maar zo bedoel ik het niet. Vooral met de vraag naar de beweegredenen van Kroonenberg lijkt Keulemans de spijker op zijn kop te slaan:
Bij u zou mijn gok zijn: u kunt het niet hebben dat die nietige mens tóch iets zou voorstellen in de machtige geologische geschiedenis.
Want dit is het antwoord van Kroonenberg:
Mijn wereldbeeld wordt bepaald door die lange geologische geschiedenis, en de wetenschap dat de natuur veel grotere rampen heeft veroorzaakt dan in de menselijke geschiedenis zijn voorgevallen. Ik ben niet bang dat de mens toch iets zou voorstellen, ik zou willen dat de mens minder aan zelfoverschatting zou lijden. Alles wat de mensen doen verliest zijn betekenis als je de kracht van de natuur naar waarde schat.
Op zich heeft hij gelijk: de huidige klimaatverandering stelt weinig voor vergeleken met andere veranderingen die er in de geologische geschiedenis van de aarde zijn geweest. Maar Kroonenberg zou zich wel mogen realiseren dat die grote veranderingen gebeuren op de geologische tijdschaal van meerdere millennia. Daarmee vergeleken is het huidige tempo van opwarming wel degelijk uitzonderlijk. Bovendien vergeet hij dat de aarde nog nooit in de hele geologische geschiedenis bewoond werd door ruim 7 miljard mensen, die voor hun bestaan in belangrijke mate afhankelijk zijn van stabiel klimaat. Het doet denken aan wat Simon Donner ooit schreef:
In many cultures, the weather and climate have historically been viewed as too vast and too grand to be directly influenced by people.
Wetenschap die ingaat tegen diep gewortelde culturele overtuigingen heeft vaak een lange en moeizame weg te gaan om breed geaccepteerd te worden. In het geval van Kroonenberg lijkt die culturele overtuiging samen te gaan met een zekere beroepsblindheid: de nietige mens die niets in te brengen heeft tegen de machtige aarde.
In een kader bij het interview plaatsen diverse wetenschappers al kritische kanttekenen bij de verhalen van Kroonenberg. Die kanttekeningen gaan over de hoofdlijnen en ze zijn, in mijn ogen, nog bijzonder vriendelijk. Want op detailniveau spuit Kroonenberg zo veel drogredenen, halve waarheden en hele onwaarheden, dat hij zich volledig diskwalificeert als serieus te nemen wetenschapper. Hieronder een aantal voorbeelden.
De zeespiegel stijgt wel, omdat we aan het einde van een ijstijd zitten.
Dit is onjuist en een geoloog zou dat moeten weten. Volgens de Milankovi?-cycli zouden we juist weer, beetje bij beetje, onderweg moeten zijn naar een nieuwe ijstijd. Reconstructies (de bekendste is die van Marcott uit 2013) van de temperatuur van het huidige interglaciaal, het holoceen, laten zien dat de temperatuur in de afgelopen millennia geleidelijk daalde, tot aan het begin van de industriële revolutie. De afbeelding hieronder, afkomstig van Robert Rohde’s Global Warming Art, laat zien dat huidige zeespiegelstijging niets te maken heeft met de laatste ijstijd.
Maar van een versnelling is nog geen sprake.
Onjuist, er is wel degelijk sprake van een versnelling. Zie bijvoorbeeld onderstaande afbeelding uit Jevrejeva et al. 2008. Omdat er op de tijdschaal van enkele decennia behoorlijke schommelingen zijn in het niveau van de zeespiegel, is een versnelling op dergelijke tijdschalen wat lastiger aan te tonen. Maar statistische analyses vinden wel degelijk sterke aanwijzingen voor een versnelling, zoals Tamino onlangs nog eens liet zien op zijn blog. Het IPCC constateert in zijn meest recente rapport dan ook dat de zeespiegel in de afgelopen decennia hoogstwaarschijnlijk (in IPCC terminologie: “very likely”, ofwel met meer dan 90% zekerheid) sneller is gestegen is dan in de voorafgaande eeuw. Wie daar echt niet aan wil, zou een beroep kunnen doen op de resterende wetenschappelijke onzekerheid en bijvoorbeeld kunnen zeggen dat 95% waarschijnlijkheid vaak als grens wordt gebruikt voor statistische significantie. Hoe dan ook, in de wetenschap is er wel degelijk sprake van een versnelling; eventueel is er nog discussie mogelijk over hoe zwaar het bewijs weegt. Kroonenberg bedient zich hier van een drogreden uit het pseudosceptische standaardrepertoire: hij verdraait de (eventuele) afwezigheid van (statistisch significant) bewijs tot bewijs van afwezigheid. Een ervaren wetenschapper zou beter moeten weten.
We zijn nog uit het dal aan het klimmen van de Kleine IJstijd, de koele periode tussen ongeveer 1300 en 1850.
Dit is een tautologie: “het is nu warmer omdat het toen kouder was”. De temperatuur van de aarde stuitert niet zomaar een beetje heen en weer. Om de temperatuur van de aarde te laten stijgen, is een enorme hoeveelheid energie nodig. Niet alleen om de oceanen, het land en de atmosfeer op te warmen en ijs te laten smelten, maar ook om de hogere temperaturen te handhaven. Hoe hoger de temperatuur van het aardoppervlak, hoe meer warmte er vanaf straalt. Alleen een verandering in de energiehuishouding van het klimaat (ofwel in de stralingsbalans aan de top van de aardatmosfeer) kan zo’n opwarming verklaren. Simpelweg zeggen dat het nu warmer is omdat het vroeger kouder was heeft niks met wetenschap te maken; het gaat voorbij aan de meest basale natuurwetenschappelijke principes, zoals de wet van behoud van energie.
En nu zitten we in de nadagen van een El Niño, dat is bepalend voor de warmte van vorig jaar.
Niemand ontkent het bestaan van variabiliteit op korte termijn. Dat El Niño’s en La Niña’s een belangrijke rol spelen in die variabiliteit is algemeen bekend. Als Kroonenberg wil suggereren dat klimaatwetenschappers hier geen rekening mee houden, is dat een aantijging die gerust lasterlijk genoemd mag worden. De menselijke invloed op het klimaat is te zien in de trend over een langere termijn, niet in de jaar-tot-jaar-variaties die er immers altijd al zijn geweest en die niet ineens verdwijnen door het versterkte broeikaseffect. Of 2017 warmer of kouder wordt dan 2016 (waarschijnlijk kouder) is daarom helemaal niet relevant. El Niño was inderdaad een factor die bijdroeg aan de hoge gemiddelde wereldtemperatuur van vorige jaar, maar een analyse van Gavin Schmidt (zie de grafiek hieronder) laat zien dat het ook zonder die extra warmte het warmste jaar sinds het begin van de metingen zou zijn geweest. Uit een wat uitgebreidere analyse van Tamino blijkt dat dit zo blijft als ook gecorrigeerd wordt voor andere factoren die van invloed zijn op de variabiliteit op korte termijn.
Bedenk dat we tussen 1940 en 1970 een periode van temperatuurdaling hadden, en van 1920 tot 1940 een van stijging, net zo snel als in de jaren negentig.
Van 1920 tot 1940 bedroeg de temperatuurstijging circa 0.10-0.13 °C/decennium en van 1970-2016 circa 0.17-0.18 °C/decennium. Dat scheelt nog wel wat. De opwarming is nu sterker en ook nog eens langduriger dan de opwarming aan het begin van de 20ste eeuw. Daarnaast kan de wetenschap redelijk goed verklaren waarom er periodes van stijging, afkoeling en weer stijging waren: door veranderingen in de energiehuishouding van het klimaat, ofwel de stralingsbalans.
Trends in drie belangrijke datasets:
1920 t/m1940: HadCRUT4 : 0,122; GISTEMP : 0,122; NOAA : 0,107
1970 t/m 2016: HadCRUT4 : 0,174; GISTEMP : 0,181; NOAA : 0,173
Veranderingen in de stratlingbalans (of stralingsforceringen) die sinds 1750 invloed hebben gehad op de gemiddelde temperatuur van het aardoppervlak. Bron: IPCC
Veel mensen zeggen: die klimaatgevoeligheid zal wel heel hoog zijn. Maar op basis van de zeespiegel en wat ik in het verleden zie, denk ik: het zit aan de lage kant.
Dit is een karikaturale weergave van de kern van de zaak. De maatschappelijke discussie moet gaan over welk risico we wel of niet nemen, uitgaande van de volledige bandbreedte die de klimaatwetenschap schetst. Serieuze wetenschappers zeggen niet zomaar dat de klimaatgevoeligheid wel aan de hoge of de lage kant zal zitten. Ze nemen alle kennis die er is in ogenschouw en komen op basis daarvan uit op de bandbreedte van 1,5 tot 4,5 °C. Wij, de maatschappij, zullen moeten beslissen hoe we daar mee omgaan, liefst op een zorgvuldige en rationele manier. Gokken dan het wel mee zal vallen is niet bijster rationeel en ook niet bepaald een zorgvuldige afweging. Bovendien: zelfs als de klimaatgevoeligheid aan de lage kant zou zijn, zullen we een flink eind boven de 2°C opwarming uitkomen als we niks doen aan onze CO2-emissies.
Ja, maar in die tijd hadden we een totaal andere situatie. De Milankovi?-situatie, de stand van de aarde ten opzichte van de zon, was anders, Noord- en Zuid-Amerika lagen los van elkaar, de zeestromingen liepen compleet anders. Ik vind dat geen goede vergelijking met de huidige situatie.
Dat neemt niet weg dat destijds ook de natuurwetten van kracht waren. De aarde wordt niet zomaar warmer of kouder, dat zou in strijd zijn met de wet van behoud van energie. CO2 wordt wel eens de controleknop van het klimaat genoemd en dat is niet voor niets. Alles wijst er op dat CO2 altijd een belangrijke rol speelt bij veranderingen in het klimaat. Opvallend ook dat Kroonenberg bij dit soort opmerkingen een (uiterst vaag) beroep doet op wetenschappelijke onzekerheid, maar “vergeet” dat die onzekerheid twee kanten op gaat.
O, maar we hebben de temperatuur van het Eemien nog lang niet bereikt. Aan de polen was het destijds 5 graden warmer dan nu.
Of het ooit misschien wel eens warmer is geweest dan nu doet er niet zo veel toe. De vraag is of een klimaat dat anders is dan het klimaat waarin de mensheid zich de afgelopen millennia zich zo succesvol heeft ontwikkeld wel goed voor ons is. En nog belangrijker: kunnen wij en onze leefomgeving het tempo van de verandering wel bijhouden, als we niet ons uiterste best doen om dat tempo in te tomen.
Of we de temperatuur van het Eemien al bereikt hebben, of al aardig in de buurt komen is overigens onderwerp van wetenschappelijke discussie. Volgens recente reconstructies van Snyder en Friedrich, bijvoorbeeld, scheelt het niet zo veel.
Verder is het niet heel eerlijk om de gemiddelde wereldtemperatuur te vergelijken met de temperatuur van de poolgebieden. Onder meer omdat ook nu het Noordpoolgebied veel sneller opwarmt dan de rest van de wereld. Vermoedelijk zorgden de Milankovi?-parameters in het Eemien voor nog wat extra warmte in het Noordpoolgebied.
Hoe warm het in het Eemien precies was in de poolgebieden zegt dus maar weinig over wat er aan de hand is met het huidige klimaat.
Dat het zo hoog wordt als het Eemien lijkt mij heel onwaarschijnlijk. Omdat de Milankovi?-cycli het niet aangeven.
Dit komt in de buurt van wetenschappelijke wartaal. De directe invloed van Milankovi?-cycli op de energiebalans van de aarde is bijzonder klein. Als die cycli op zich veel invloed hebben op het klimaat, dan is het klimaat juist gevoelig voor kleine veranderingen in de stralingsbalans. Volgens wetenschappelijke basislogica is de gevoeligheid voor CO2, dat immers ook invloed heeft op de stralingsbalans, dan ook groot. Kroonenberg spreekt hier zijn eerdere bewering, over een lage klimaatgevoeligheid, dus diametraal tegen.
Ja, het zij zo. So be it. Daar lig ik niet wakker van.
Dit antwoordt Kroonenberg als Maarten Keulemans zegt dat diens naam soms staat “op lijsten van klimaatsceptici, tussen de fossiele lobbyisten en de complotdenkers“. Dat hij daar niet wakker van ligt blijkt. Anders zou hij immers geen antwoorden geven die grotendeels rechtstreeks van pseudosceptische blogjes lijken te zijn geplukt. Of die in elk geval hetzelfde wetenschappelijke niveau hebben.
Kroonenberg wil, zegt hij, het debat zuiver houden en duidelijk te maken dat er nog veel onzekerheid is. Daar kan niemand op tegen zijn en dat zijn wij dan ook niet. Maar de realiteit is juist dat mensen als Kroonenberg het zuivere debat saboteren door de drogredenen, verdraaiingen en onwaarheden waar ze mee strooien. Een goed debat, waarin ook aandacht is voor wetenschappelijke nuances en onzekerheden, wordt hierdoor juist nagenoeg onmogelijk.