Als we naar deze Skew-T kijken dan zien we inderdaad dat het erg droog is in de onderste lagen. Dauwpunt en temperatuur liggen ver uit mekaar. Ze groeien dan naar mekaar toe om rond 1800m tot een minimum gap te komen (van ongeveer 5°C). Vanaf dan gaat het dauwpunt echter erg snel omlaag (richting -23) en lijkt er een kleine inversie aanwezig te zijn. (Temperatuur daalt eventjes niet meer met de hoogte) Heb ik dit goed?
Dat klopt.
Maar temperatuur en dauwpunt liggen vanaf dan toch opnieuw ver uit mekaar, wat toch droge lucht betekent? Daarom snap ik niet dat de basis voor buienvorming rond 2km zou liggen. Kan je dat aub eens toelichten? Ik probeer gewoon te leren.
Je bepaalt de basis van convectieve wolken door een gemiddelde temperatuur en vochtigheid te bepalen in de onderste 100-500m, en vervolgens vanaf het dauwpunt een lijn langs de mengverhoudingslijn te tekenen en vanaf de temperatuur langs de droogadiabaat te tekenen. Waar ze samenkomen is de convectieve wolkenbasis. Zie het forummuseum voor voorbeelden (lessen Skew-T, deel 1).
Bedankt!
Quote selectie