De warmteflux Q door de sneeuw zal (in een evenwichtstoestand) evenredig zijn met de warmtegeleidingscoeffcient k, het temperatuurverschil dT en omgekeerd evenredig met de dikte van het sneeuwdek dx:
Q = -k*dT/dx.
De k hangt af van de eigenschappen van de sneeuw. Ik denk dat dit voor vrij natte sneeuw op iets van 0.5 W/(m K) ligt. Temperatuurverschil tussen grond en lucht is ongeveer -2 graden. Voor een sneeuwdek van 10 cm kom je dan op:
Q = 0.5*2/0.10 = 10 W/m².
Deze warmteflux is groot genoeg om een kubieke meter lucht 1 graad op te warmen na ongeveer 2 minuten. Als het sneeuwdek dunner is gaat dit nog sneller. Het kan best dat het sneeuwdek niet zo dik is op de meetstations.