Twee jaar na zeer zware zomerstorm Poly | Analyse

Bericht van: Novi (Meppel) , 04-07-2025 12:02 

Morgen is het alweer twee jaar geleden dat zomerstorm Poly over het noordelijke gedeelte van de Benelux trok. Poly blijft in mijn optiek toch wel een van de meest interessante meteorologische verschijnselen. Hoe in korte tijd een infinitesimale verstoring binnen een barokliene omgeving uitgroeide tot de zwaarste zomerstorm sinds het begin van de metingen in de Benelux. Poly is wat mij betreft dus zeer fascinerend. Daarom heb ik, met het oog op dat het morgen alweer twee jaar geleden is, maar weer een analyse gemaakt over storm Poly. Er lag in ieder geval een combinatie van barokliene en thermodynamische processen ten grondslag aan de ontwikkeling van deze zomerstorm.

Er was een duidelijke jet stream aanwezig. Deze was vrij krachtig voor de zomer, maar niet uitzonderlijk op jaargebied. Er was een duidelijke upper-level trog aanwezig boven het westen van Europa, tevens was er ook een trog te zien in de jet stream, wat een duidelijke indicatie is van PVA. Er was dan ook een uitgesproken PVA-maximum aanwezig binnen de cycloon. Tevens was er ook sprake van divergentie in hogere niveaus in de atmosfeer, wat noodzakelijk is om een cycloon met een gedeeltelijk extratropisch karakter in leven te houden. Deze divergentie werd onder andere veroorzaakt door de jet stream en de upper-level trog. Dit waren de essentiële barokliene processen binnen Poly.

Maar er waren ook thermodynamische processen betrokken bij het cyclogenese-proces. De SST's waren bijvoorbeeld vrij hoog in de Noordzee, vergeleken met eerdere jaren, hierdoor kwam er latente warmte vrij binnen het systeem. Deze latente warmte leverde een significante bijdrage aan het cyclogenese-proces. Er was duidelijk sprake van ingebedde convectieve elementen binnen de cycloon, waardoor er ook convectieve windstoten optraden.

Het conceptuele model van een RaCy laat een bepaald TA-profiel zien. Bij een RaCy mag namelijk verwacht worden - op basis van het conceptuele model - dat er in het wolkenscherm sprake is van warmte-advectie en er aan de achterzijde sprake is van koude-advectie. Dat was wel duidelijk zo bij Poly, er was sprake van warmte-advectie binnen het wolkenscherm. In de droge intrusie, wat vaak relatief onbewolkt is, was er koude-advectie. Hiermee voldoet het TA-profiel wel aan het conceptuele model van een RaCy. Poly was dan ook wel een duidelijke RaCy, soms daalde de luchtdruk met 2-3 hPa in een uur tijd.

Over het algemeen was Poly een uitzonderlijk intense cycloon voor het westen van Europa. De geostrofische wind - de theoretische wind als er een balans is tussen de Corioliskracht en de luchtdrukgradiëntkracht - lag op ruim 100 m/s. Dat is een uitzonderlijk hoge waarde voor een cycloon in West-Europa, er was dan ook een sterke verstoring van de geostrofische balans. Het vectorverschil tussen de geostrofische wind en de actuele wind, ook wel de ageostrofische wind genoemd, lag op een gegeven moment op meer dan 70 m/s. Dat is indicatief van een zeer sterke verstoring van de geostrofische balans, wat waarschijnlijk wordt veroorzaakt door de compactheid van het systeem. Poly was een zeer compact systeem, waarbij er sprake was van een sterk gekromde stroming. De gradiëntwind en de centrifugaalkracht verstoren dan deze geostrofische balans. Hierdoor was de stroming niet zuiver geostrofisch, wat een gevolg had voor de ageostrofische wind. Bij een gebruikelijke situatie, waarbij er geen zeer sterke verstoring is van de geostrofische balans en er ook rekening wordt gehouden met frictie, komen de gemeten windstoten uit op 60-70% van de geostrofische wind. Voor de gemiddelde wind kan 40-50% worden gehanteerd. Bij deze cycloon kon er echter geen realistische inschatting worden gemaakt van de wind op basis van de geostrofische wind, het vectorverschil was daarvoor simpelweg te groot. Daaruit blijkt wel weer dat Poly een uitzonderlijk intense cycloon was. De luchtdrukgradiënt bij deze cycloon was waarschijnlijk de hoogste sinds het begin van de metingen, er was over het algemeen een luchtdrukgradiënt van 15 Pa/km. Lokaal ging de luchtdrukgradiënt naar 20 Pa/km binnen het systeem, wat een uitzonderlijke waarde is. Ter vergelijking, reguliere zeer zware stormen zoals die van 25 januari 1990 hebben een luchtdrukgradiënt van meestal 8-10 Pa/km. 

De structuur van het systeem liet een warme seclusie zien, wat vaak indicatief is voor een Shapiro-Keyser systeem. De frontogenese laat deze structuur ook zien. Maar er was geen sprake van een sting jet binnen het systeem. De verticale berekeningen binnen Poly gaven geen SJ-indicaties, daarnaast waren er geen fluctuaties van de luchtvochtigheid te zien tijdens het hevigste windveld, wat wel te verwachten zou zijn bij een sting jet. Deze fluctuaties worden verklaard doordat de relatieve luchtvochtigheid van een dalende luchtmassa afneemt bij een sting jet, er is ook sprake van afkoelingsverdamping. De temperatuur neemt niet significant af bij een sting jet, want de afkoeling van de luchtmassa wordt gecompenseerd door adiabatische compressie, maar de relatieve luchtvochtigheid blijft wel een stuk lager dan in de omgeving. Ook strookt de locatie van het hevigste windveld niet met het conceptuele model van een sting jet. Er was wel sprake van een tropopause fold binnen het systeem, maar er was geen sprake van een SJ-proces. Al met al kan worden geconcludeerd dat een sting jet niet aanwezig was bij Poly. Hoewel er sprake was van een duidelijke droge intrusie en een scorpion's tail, wat initieel leidde tot sting jet vermoedens, was er geen sting jet die de hevige windstoten verklaarde.

Waarschijnlijk werden de extreme windstoten, tot wel 40.6 m/s in IJmuiden, verklaard door een combinatie van een intense luchtdrukgradiënt en convectie binnen het systeem. Poly was hiermee een gedeeltelijk convectiegedreven systeem. De thermodynamische processen, de convectie binnen het systeem, een relatief warme kern en de features die behoren aan een extratropische cycloon maken het verleidelijk om Poly aan te merken als een subtropische cycloon, maar dat is ook weer niet aan de orde. Een subtropische cycloon is namelijk een non-frontal low pressure area, er is dus geen frontogenese aanwezig binnen het systeem, terwijl er wel frontogenese aanwezig was binnen Poly. Poly was dus niet volledig extratropisch, maar ook weer niet een subtropische storm. Er was sprake van een hybride cycloon, een cycloon met (sub-)tropische kenmerken en extratropische kenmerken.

Het was in ieder geval een uitzonderlijke storm. De kwadratische vergelijking, die aantoont hoeveel krachtiger een storm is in vergeleken met een andere storm, laat zien dat Poly ongeveer 1.45x zo krachtig is als de storm van 25 juli 2015 in IJmuiden. Met een uurgemiddelde van 30.3 m/s werd het hoogste uurgemiddelde gemeten in Nederland sinds de zeer zware storm van 25 januari 1990 (30.4 m/s), waaruit blijkt dat Poly een zeer krachtig systeem was. Het was een storm met een gedeeltelijk subtropisch karakter, wat voor zover bekend is uniek is voor een zomerstorm in Nederland.  

 





Bericht laatst bijgewerkt: 04-07-2025 12:16
Sunshine is delicious, rain is refreshing, wind braces us up, snow is exhilarating; there is really no such thing as bad weather, only different kinds of good weather.

Twee jaar na zeer zware zomerstorm Poly | Analyse   ( 608)
Novi (Meppel) -- 04-07-2025 12:02
Re: Twee jaar na zeer zware zomerstorm Poly | Analyse   ( 177)
Hein (Rhoon/Schiedam) -- 04-07-2025 12:14
Echt hevig was het toen hier!   ( 196)
Patrick (Heiloo) -- 04-07-2025 12:14
Re: Echt hevig was het toen hier!   ( 86)
Marco (Bloemendaal aan zee) -- 04-07-2025 13:24
Verklaring windstoten   ( 212)
Robert (Sint Philipsland) -- 04-07-2025 13:02
Mooie analyse   ( 99)
Julian (Enschede) ( 56m) -- 04-07-2025 13:13