De kern van het probleem is dat relatief kleine hoeveelheden sneeuw en vooral mengvormen neerslag (natte sneeuw en regen, of sneeuw en natte sneeuw) volledig in 1 subgridvak terecht komen, i.p.v. worden verdeeld over meerdere subgridvakken. Tegelijkertijd smelt de natte sneeuw in 1 zo'n subgridvak te traag, waardoor het kan accumuleren. In werkelijkheid smelt natte sneeuw ook bij hogere intensiteit merendeels weg, maar in ECMWF kan het dus al snel gaan opstapelen. Nadat de neerslag is opgehouden, smelt de overgebleven hoeveelheid 'sneeuw' ook te langzaam weg.
Je kan dit ook zien als je het gaat analyseren. Eerste figuur is de sneeuwbedekking om 12 UTC op vrijdag.
Tweede figuur hieronder is de neerslagtype voor Deelen (op de Veluwe). Alleen paarse kleuren is echt vaste neerslag, sneeuw, cyaan en blauw zijn sleet (gemengd, fractie nat groter dan droog) en natte sneeuw (gemengd, maar fractie droog groter dan nat). Het gros aan neerslag dat valt tot vrijdag 12 UTC bestaat uit minder dan 50% vaste neerslag.
Gr. Ben
Quote selectie